Photo-epic: how to…

Dus je gaat op vakantie en wilt de vetste foto’s?

…om dat in een aantal alinea’s te leren, is onmogelijk. Oefenen, kijken, oefenen, nog meer kijken, dat zijn de beste tips die ik je mee kan geven. Naast de techniek van de fotografie zelf, is er natuurlijk op het gebied van de techniek van de apparatuur van alles mogelijk. Van je smartphone tot en met de duurste camera’s, lenzen en toebehoren. Om je enigszins op weg te helpen, zet ik hieronder op een rijtje welke keuzes je hebt én wat ik zelf onderweg meeneem.

1. De camera

Hierbij heb je drie keuzes: DSLR, systeemcamera en compact camera. Voor echt goede foto’s vertrouw ik zelf nog altijd op een DSLR met bijbehorende losse lenzen. Voor snapshots of tochten waar ik geen complete rugzak met camera apparatuur mee wil nemen, doorgaans een compact (een zogenaamde meetzoeker Fujifilm X10 in mijn geval). De techniek gaat op camera gebied echter keihard, systeemcamera’s van bijvoorbeeld Sony en Olympus, kunnen zich meten met de duurste DSLR camera’s! Om lekker te Instagrammen kun je natuurlijk prima een iPhone of soortgelijk gebruiken.

Meer dan dit neem ik eigenlijk nooit mee: extra batterij, wat filters en houder, een blaasbalgje, een aantal lenzen en evt. een compact camera als back-up. Deze foto is overigens gemaakt met een aardappel, al mijn camera’s staan op de foto.

2. Lenzen

Als je de keuze gemaakt hebt voor een DSLR of een Systeemcamera, dan sta je daarna automatisch voor de volgende keuze: welke lenzen?! Dat is weer helemaal afhankelijk van wat je op de foto wil zien? Met een groothoek lens kun je mooi de weidsheid van de omgeving laten zien, terwijl je met een telelens veel krapper het onderwerp in kunt kaderen. Als je die keuze niet aan kunt, dan ga je gewoon terug naar stap 1 en kiest voor een compact camera (die er ook met fatsoenlijke lenzen zijn!)

Mijn eigen werkpaard is een 80-200/f2.8 Nikkor. Dat is een hoop glas om mee te schouwen, maar voor echt mooie foto’s in mijn ogen het waard. Daarnaast heb ik vaste brandpunt lenzen (50 en 24 mm), een fisheye en een groothoek. Voor onderweg foto’s gebruik ik eigenlijk alleen groothoek of fisheye en de telelens. De twee vaste brandpunt lenzen vind ik dan niet de moeite van de gewichtsbesparing om die eruit te laten.

3. Flitsers, filters, statieven, etc?

Nee, ja, nee! Flitsers… ik heb ze gehad, ik heb ze gebruikt, je kunt er supercreatieve dingen mee doen, maar uiteindelijk vond ik het gedoe ermee teveel moeite. Daarnaast vind ik het zelf een uitdaging om met bestaand licht de juiste foto te maken. Filters gebruik ik af en toe wel, in mijn geval van Cokin, om met een blauwe of bruine gradiënt net even wat extra kleur aan de lucht te geven. Een statief is leuk voor in een studio, onderweg laat ik zelfs een superlichte Gorillapod tegenwoordig thuis.

4. Fototas

Eigenlijk nog belangrijker dan de camera apparatuur zelf: een goede, lekker zittende fototas. Grofweg heb je 2 keuzes: een camera specifieke rugtas, waar je al je fotospul in kwijt kunt (en een reservebinnenband, pompje, gelletjes, telefoon en drinken) of een backprotector rugzak, met daarin iets van compartimenten waar je fotospul hopelijk in past. Voor de echt ruige tochten waar ik mijn volledige camera uitrusting mee wil nemen, kies ik doorgaans de laatste en neem ik op de koop toe, dat ik iedere keer dat mijn camera spul eruit moet, sta te klooien. Voor meer alledag gebruik, heb ik tegenwoordig onderstaande Thule. Daar past overigens ook een 15″ laptop in, zou die ook gelden als backprotector?!

Bovenin de rugzak is nog genoeg ruimte voor geheugenkaarten, filters, pompjes, binnenbanden, repen, geeltjes, een regenjackje, je telefoon, een EHBO kitje en een extra flesje water.

Op de fiets neem ik natuurlijk geen laptop mee… toch is de optie in sommige gevallen handig, omdat je bijvoorbeeld anders je laptop in een auto achter moet laten… of als je em op wil gebruiken als rugprotector!

Lenzen en andere klein spul aan beide kanten…

…en camerabody met telelens er tussenin.

5. Denk aan je veiligheid!

Hoewel mijn bovenstaande setup hooguit 15 kg weegt, blijft het zaak om tijdens het fietsen op te letten. Ja, je zeult bergop een hoop extra gewicht mee (22% van mijn eigen gewicht!) en je zitvlees krijgt meer druk te verduren. Bergaf is echter gevaarlijker. Je tas zit nooit helemaal strak om je lijf en het gewicht daarvan wil doorgaans kanten op, die jij niet van plan was. Je rugzak zal menigmaal je helm raken en je zwaartepunt komt ook een stuk hoger te liggen. Afkloppen, bij mij gaat het tot nu toe nog goed, sommige collega-fotografen zijn er wel eens slechter af gekomen.

Onscherpe voorgrond, mooie tekening in het beeld… voor dit soort foto’s sleur ik dus bovenstaande mee een berg op.

Weinig spannend, het onderwerp staat stil en ik wil een overzichtsfoto: prima te doen met een fatsoenlijke compact camera.

Tekst en foto’s: Coen de Jongh

Posted in Specials.