Schwalbe Procore – het niet meer zo geheime wapen

Na de aankondiging in juni van vorig jaar lag er een Schwalbe Procore doos voor onze neus en stelden we ons heel wat vragen. Megagrip én niet bang zijn dat je snakebite rijdt of je velgen sloopt? Die combinatie leek tot nu in een intern conflict verwikkeld als je met hoge snelheid over terrein met veel stenen en/of wortels reed. Wegen de voordelen van Procore op tegen het meergewicht? Is het praktisch? Wat zijn de grenzen van het inzetbereik? Doet elke enduro rijder zich tekort als ze niet in deze game-changer willen investeren?

Wat hierop volgde was een high speed zomer met als hoogtepunten de Enduro des Hautes Vosges, de Coupe de France in Valloire, een week in het Tignes/Val d’Isère bikepark en als ‘eindbom’ de Enduro des Portes du Mercantour. Oftewel, ruim voldoende relevante praktijkervaring om antwoorden te geven!

Procore is in essentie een band in je band. In de binnenste band zit een binnenband, de buitenste is tubeless. Met een speciaal ventiel kan je zowel de binnen- als de buitenluchtkamer oppompen. Daarvoor is geen extra ventielgat nodig, of modificatie van het bestaande gat. De binnenste band staat op 4 tot 6 bar, waardoor je de buitenste op zeer lage druk kan rijden, zonder gevaar op doorstoten. Verder houdt de binnenste band de buitenste tegen de velgranden aan, waardoor tubeless burps tot het verleden behoren.

ProCoreCS3

Let op: Dit middel werkt ontremmend

In de Vogezen werd meteen al duidelijk dat Procore aanzet tot het meer loslaten van je remmen. Ik reed op het voorwiel met een Schwalbe Magic Mary Snakeskin (trailstar compound) en achter een Hans Dampf (pacestar compound). De Enduro des Hautes Vosges bevatte relatief veel, niet-te-steile paden met zodanig overzicht dat hoge snelheid over wortels en rotsen mogelijk was. Dit vereist dat je je fiets licht maakt, of – waar mogelijk – springt over de ergste uitsteeksels, om vervolgens weer af te zetten op nog steeds behoorlijk grove ondergrond. Als ik geen Procore had gehad, had ik bij mijn 1,1 bar bandendruk mijn velgen weg kunnen gooien.

“Het credo ‘Harde banden = hard rijden’ is slechts waar op asfalt.”

Zonder Procore zou ik met mijn – ahem, zomerse – 71 kilogram lichaamsgewicht met 2 bar moeten rijden om garantie te hebben dat alles heel blijft. Ook na een stuurfoutje. Dit zou ten koste gaan van grip in de bochten en lage rolweerstand. Lage? Jazeker… voor wie het nog niet wist: een zachtere band rolt makkelijker over obstakels heen. Het credo ‘Harde banden = hard rijden’ is slechts waar op asfalt (…).

ProCore02Stuurfoutje? Niet erg: verder komt ie niet.

De keerzijde van lage druk is normaal instabiliteit. Opmerkelijk: het karkas van de Magic Mary Snakeskin op het voorwiel blijft bij minder dan 1 bar stabiel, maar de noppen zelf beginnen wat om te zwikken. Dat komt doordat de binnenkamer de buitenband op de wangen ondersteunt, maar niet onder het loopvlak. Bij een bepaalde druk wordt het verschil ineens duidelijk merkbaar, afhankelijk van je gewicht en rijstijl.

“Ook Procore kent daarmee zijn praktische ondergrens van druk…”
Ook Procore kent daarmee zijn praktische ondergrens van druk, maar die ligt naar schatting 0,3 bar lager dan bij een normale tubeless setup. Bovendien gaat die sneller zwabberen en dat ontbreekt bij Procore bijna volledig. Dat is een groot voordeel bij een langzaam lek. Wie wel eens met een half platte band vol een bocht in gedoken is, kan daar over meepraten.

Is je buitenband eenmaal volledig plat, dan kan je doorrijden zonder je velg te slopen. De controle is natuurlijk ver te zoeken, maar dichtbij de finish kan het je wedstrijd redden. Die ‘run flat’ eigenschappen kunnen je weliswaar redden, maar daarna mag je wel aan de slag. Zodra je écht een binnenband moet monteren, zit de Procore constructie alleen maar in de weg.

Under pressure

Een switch naar smallere Maxxis banden (High Roller 2.4″ voor, DHR 2.3″ achter) bracht met name achter iets opmerkelijks. Het gebied tussen oncomfortabel harde en oncontroleerbaar zachte banden werd erg klein. Zo klein dat het erg lastig was om na het drukverschil van een skilift van 1000 hoogtemeters de goede bandendruk te vinden. Dit is een drukverschil van circa 0,1 bar en dat klopt vrij aardig met mijn vermoeden dat mijn sweet spot van luchtdruk op het achterwiel een bereik van slechts 0,2-0,3 bar was.

“Als je Procore gebruikt om veilig met zachte banden te kunnen rijden, profiteer je het meest van zo dik mogelijke banden.”

De verklaring is dat de binnenkamer een flink deel van het volume van de buitenband wegneemt. Bij een kleinere buitenband wordt de buitenkamer snel nóg kleiner. Het ‘inveergedrag’ van de band wordt hierdoor meer progressief en drukverschillen hebben een groter effect op hoe makkelijk de band vervormt. Als je Procore gebruikt om veilig met zachte banden te kunnen rijden, profiteer je het meest van zo dik mogelijke banden.

Schwalbe zal deze conclusie graag horen, met hun Magic Mary en Hans Dampf die bij de meest volumineuze non-plus banden in de markt horen. Ook fans van Maxxis hoeven niet te treuren: De populaire 2.4″ High Roller voldeed prima en Maxxis biedt voor 2016 een aantal profielen in bredere 2.5″ uitvoering.

“Weegt” het op?

“Procore levert je grip én je spaart je velgen.”
Procore is zwaarder. Het systeem weegt per wiel circa 240 gram, wat circa 100-150 gram meer is dan een normale tubeless setup. Of dat de moeite waard is, is ieders’ afweging in een breed grijs gebied. Voor niet-wedstrijdrijders zal dit ruimschoots acceptabel zijn. Heb je wat extra lichaamsgewicht en sjouw je ook nog een rugtas mee bij een toer-transalp? Procore levert je grip én je spaart je velgen. Voor wedstrijdrijders hangt het af van parcours en persoonlijke voorkeur. Procore is overtollige ballast als er veel getrapt moet worden en de ondergrond geen extra veiligheid verlangt. Echter, het is een effectief wapen als de paden met rotsen en/of wortels bezaaid liggen en er weing positieve hoogtemeters in het parcours zitten.

ProCore01Zo ziet 0.9 bar er uit in een bocht. Immense grip zonder burp risico!

Op dat soort parcoursen zou je anders met stevigere banden rijden, bijvoorbeeld de Super Gravity serie van Schwalbe. Het meergewicht van Procore is ongeveer gelijk aan het verschil tussen Super Gravity en Snakeskin banden. Hiernaast kan je door Procore veilig met lichtere, eventueel carbon velgen rijden. Normaal is dat een risico, want carbon kan veel hebben, maar kapot is kapot en een duur grapje. Aluminium velgranden kan je in nood nog wel een keer terugbuigen. De combinatie met Snakeskin banden levert weliswaar iets minder weerstand tegen lek rijden, maar de grip en run flat eigenschappen staan hier tegenover.

Hier aan de kust?

Rotsen ondergrond, wortels, transalp, je zou maar zo kunnen denken dat dit product in Nederland weinig nut heeft. Als voormalig fanatiek strandracer denk ik daar anders over. Bij een strandrace wil je niet een beetje lage bandendruk, maar schrikbarend laag. De verschillen worden doorgaans gemaakt op zachte stukken strand en daar rolt een zachte band het best overheen. Dus daar rijdt je met 0,8 bar in je banden, met 40+ kilometer per uur wind mee richting… een strekdam. Of een dijk. Beide zijn geconstrueerd van basaltblokken en die zijn niet bepaald netjes tegen elkaar gelegd. Alsof dat nog niet genoeg is, mag je naar het strand toe of van het strand af altijd wel een paar bochten maken die op lage druk een regelrecht ‘burp’-gevaar vormen.

Het voordeel van Procore vertaalt zich hier volledig van de bergen naar het strand, waar extra gewicht tevens veel minder nadeel geeft. Bovendien helpt Schwalbe het gewicht laag te houden door hun nieuwe Big One strandband van 440 gram in ‘LiteSkin’ variant en, voor wie wat minder risico wil nemen, 530 gram in ‘SnakeSkin’.

Bram en Ramses nemen een dijkje. Met 40 km/u of meer hier tegenop rijden, is bidden dat je je velgen niet voelt.

Tubeless easy

Het monteren en demonteren van banden ging in eerste instantie erg makkelijk. Nooit meer lastig je banden dicht krijgen, want de binnenkamer brengt de banddraden naar de velgranden. Dat lukte bij tradionele tubeless setups bij sommige band en velg combi’s slechts met een compressor. Het loont wél de moeite om extra ventielkernen in je reis-gereedschapskist te hebben. Als er eenmaal opgedroogde sealant in je ventiel zit, is zowel de binnenkamer als de buitenband niet meer op te pompen.

Voorkomen is beter dan genezen: houd je ventiel schoon. Schwalbe’s voorschrift om de sealant niet door het ventiel, maar direct in de band in te brengen, is erg belangrijk. Verder zijn er verschillen in hoe plakkerig sealant is en bij Procore loont het de moeite om daar op te letten. Joe’s en Caffélatex lijken eerder ventielen te verstoppen dan Notubes en Schwalbe’s eigen merk, wat ingekocht wordt bij Notubes.

Vertel het niet door

Als ik terug kijk, had ik met name in de Vogezen veel voordeel, ten opzichte van de andere wedstrijden die meer gras en bosgrond en minder rotsige ondergrond hadden. In bikeparks lijkt de behoefte kleiner, doordat deze vaak veel ‘compressie momenten’ bevatten, zoals kombochten, schansen en landingen. Hierdoor kiezen de meesten sowieso voor de stabiliteit van hogere druk. Echter, veel bikeparks bevatten ook veel remknippen en ingebedde stenen, waarop zachte banden voordelig zijn. Bovendien: als je met de lift omhoog gaat is de extra veiligheid een bonus, zonder de straf van het extra gewicht.

“Onbezorgd overal overheen rammelen en toch grip hebben, is verslavend!”

Doe je jezelf tekort als je niet met Procore rijdt? Op lastige enduro-parcoursen kreeg ik echt dit idee. Onbezorgd overal overheen rammelen en toch grip hebben, is verslavend! Niet eerlijk voordeel voor wie geld heeft? Dat geldt misschien wel voor heel de mountainbike sport. Een groot deel van ons geeft met gemak hetzelfde uit voor nieuwe onderdelen die minder merkbaar nut hebben dan Procore. Sterker nog: we geven geld uit aan onderdelen die op zijn best cosmetische waarde hebben en wat gewichtswinst.

Dus:

  • Voor wie zich nooit zorgen maakt om gewicht en niet vaak banden wisselt: doen.
  • Wie aan enduro racing doet op serieuze parcoursen: zeker doen.
  • Strandracers? Niet aan beginnen. OK, toch wel. Ik heb alweer spijt dat ik het mogelijke nut voor strandracen beschreef, want ik had het graag zelf als geheim wapen ingezet.

Tekst: Jeroen Kooij
Foto’s: Jeroen van den Brand & Erik Boschman

Posted in Reviews.