Trailhunting – Haute Savoie

Nét effe groter dan de Veluwe…

"Ga je nog een mooie biketrip maken deze zomer?" vroeg iemand me vorig jaar. "Ja, naar de Alpen." Juist ja...

De Alpen zijn met hun oppervlakte van 200.000 km2 ongeveer vijf keer zo groot als heel Nederland. Dus waar precies? Nou, wij waren zomer 2018 dus in het Franse departement Haute Savoie. Een gebied ter grootte ongeveer een tiende van Nederland. Da's nog steeds éffe iets groter dan de Veluwe natuurlijk, maar toch al een béétje beter te overzien.

We waren benieuwd wat daar te beleven viel. Een hoop, zo bleek: de Haute Savoie is fantastisch in zijn diversiteit.

De Haute-Savoie ligt in het oostelijke puntje van Frankrijk, direct onder het meer van Genève. Aan de oostkant wordt het ingeperkt door Zwitserland en Italië. Onze uitvalsbasis was een chalet in Morillon, in het oosten van het gebied. Morillon grenst aan Samoëns, ligt op ongeveer 700 meter hoogte, en de hoogste top daar reikt tot 2.665 m. In 2013 waren we al eens in Samoëns. Toen bleek het lastig om voor een hele week aan leuke trails te vinden. Arno van AlpAdventures wekte echter onze interesse door te beloven dat hij ons in een zesdaagse trip genaamd 'The Best of the Haute Savoie' niet alleen het mooiste van Samoëns zou tonen, maar zelfs van de complete Haute Savoie! Dagelijks bezochten we namelijk een ander gebied, en dit is wat we tegenkwamen...

Dag 1: La Clusaz

Na een uurtje voorpret in de bus, stappen we op voor de eerste rit. Vanuit La Clusaz duiken we eerst het zuid-oosten in. Altijd even wennen, zo'n eerste dag in de bergen. Gelukkig is het prachtig weer en zijn de paden allesbehalve "Alpine": geen kaalheid, grove stenen of afgronden vandaag, maar in het begin vooral vloeiende paden door prachtige naaldbossen. Lekker lekker los! Gedurende de dag komen we echter ook meer en meer technische paden tegen, dwars op de hoogtelijnen. Wat heet: Lokale held Kilian Bron heeft nogal wat krappe, steile en technische trails neergelegd. Die geven je eerder het gevoel in een Frans-Ardense enduro te zitten dan op een Franse Alp. Later rijden we over meer glooiend terrein terug naar het centrum, waarna we een nog een paar mooie trails aan de westkant pakken. Een lekker begin van de week!


Tja...

La Clusaz is overigens één van de regio's die niet alleen oog heeft voor de zomer- en wintersporter, maar die ook begrijpt dat natuur en cultuur van belang zijn. Je vindt hier boven in de bergen bijvoorbeeld nog operationele kaasboerderijtjes die de beroemde Reblochon-kaas maken: Niet bedoeld voor uit het vuistje, wel onmisbaar in de Tartiflette.

Dag 2: Les Portes du Soleil

Het contrast met gisteren kon niet groter zijn. Zoek je rust en cultuur, blijf dan héél ver weg van Les Portes du Soleil. Dat is namelijk één groot bergenpretpark, waar de wintersportlelijkheid, kaalheid en toerisme genadeloos hebben toegeslagen. Dat betekent echter ook een veelvoud aan liften. De dorpen Les Gets, Avoriaz, Morzine en Chatel maken het te samen tot één megalomaan bikepark, met veel aangestampte snelle downhillpaden met sprongen, remkuilen en kombochten. Mijn reisgenoten krijgen daar niet snel genoeg van. Ik persoonlijk vind dat vooral leuk voor even, maar na een tijdje vind ik dat toch een beetje -excusez le mot- saai worden. Ieder zijn ding, niet? Het is hier dus niet de kunst om een lift of een vette downhilltrack te vinden, maar meer om óók mooie natuurlijke afdalingen te vinden, en bospaadjes (in plaats van schotter) om van het ene naar het andere deel van het gebied te komen. Gelukkig zorgt Arno voor die afwisseling: hier betaalt het zich dus uit om met een goede gids onderweg te zijn.

We parkeerden de bus 's ochtends overigens op de top van de van de bekende Col de Joux Plane. Vanaf daar benaderden we op de fiets het gebied. Op de terugweg laten we de bus lekker staan -dát probleem is voor de gids- en pakken we een prachtige technische afdaling van 900 hm (één die ik toevallig al kende uit 2013) terug naar Samoëns. Van daar moeten we nog een paar kilometer op het vlakke terug naar het chalet in Morillon, daarna is het tijd voor ontspanning.

Terug naar Samoëns!

Een blik op de GPS toont dat we vandaag -door de grote 'liftdichtheid' en de lange afdaling richting huis- maar liefst 4.400 negatieve hoogtemeters hebben stukgeslagen! Het kon minder... Benieuwd of we dit record nog gaan verbreken deze week.

Als je je ooit afvroeg waarom die Fransen toch zo kunnen afdalen...

AlpAdventures: u vraagt, Arno draait.

Wij boekten een vakantieweek bij AlpAdventures, het bedrijf van Arno en Jessica de Jong. In Frankrijk is mountainbikegids een beschermd beroep: de opleiding en het examen zijn zwaar. Het gaat namelijk niet om een beetje gezellig fietsen, maar ook om navigatie, meteorologie, eerste hulp en al het andere dat je in de bergen kan tegenkomen. Arno is de enige Nederlander met dit Franse diploma.

AlpAdventures werkt anders dan veel andere aanbieders: Ze zijn namelijk gespecialiseerd in op maat gesneden (week)trips die je als vriendengroep van 5 tot 8 personen samen boekt. Zo weet je ook zeker dat je met bekenden onderweg bent die hetzelfde willen als jij, Arno zoekt daar de perfecte trails bij, en je hebt als groep zijn exclusieve aandacht. Je leert echter geen nieuwe mensen kennen – behalve je bedgenoten tijdens een overnachting in een berghut, maar daarover later meer.

Wil je wel graag individueel meedoen: weken met individuele inschrijving zijn er ook, op beperkte schaal. Tot slot: als individu aansluiten bij een reeds geboekte vriendengroep is bij uitzondering ook mogelijk, maar alleen als het van tevoren een goede match lijkt en de groep akkoord gaat. Ik ben daar zelf toevallig een voorbeeld van: Mede-redacteur Toine had met zijn vrienden (die ik niet of nauwelijks kende) geboekt, en toen daar wegens omstandigheden een plek vrij kwam, ben ik ingestapt. Ik was dus zo ook wél in de gelukkige omstandigheid om vier toffe nieuwe mensen te leren kennen!


Onze reis is ‘The Best of the Haute Savoie’. Zes fietsdagen, elke dag een ander gebied. Om een idee te geven, hier de harde cijfers:

  • Afstand: totaal 249 km, maximaal 63, gemiddeld 41;
  • Klimhoogtemeters op de fiets: totaal 4.471 hm, maximaal 1.511, gemiddeld 746. Iets dat voor een beetje getraind biker te doen moet zijn;
  • Daalhoogtemeters: totaal 20.200 hm (!), maximaal 4.600, gemiddeld 3.367.

Je verblijft de hele week, min één hutovernachting, in een luxe chalet nabij Samoëns. Arno’s vrouw Jessica verzorgt het diner. Ze is private chef, je eet dus elke avond heerlijk. Ook als je afwijkende dieetwensen hebt, wordt je goed verwend. Dat kan ik je uit eigen ervaring garanderen.
Deze reis kost €895, inclusief shuttlebus van en naar de fietslocaties, ontbijt, lunchpakket en diner. Reken daarnaast nog wel op zo’n €120 aan liftkaarten. Plus kosten voor drankjes overdag en ‘s avonds in het chalet en tot slot de lunch op de fietsdag na de hutovernachting.

Naast ‘The best of’ biedt AlpAdventures de volgende standaard weektrips aan:

  • De Tour de Mont Blanc, oftewel een rondje eromheen. Circa 240 kilometer in zes dagen, van plek naar plek, met dagelijks circa 1500 hoogtemeters bergop en bergaf. Technisch wat minder heftig dan ‘The Best’, maar conditioneel duidelijk zwaarder. Prijs: €1.495 inclusief vol pension en dagelijkse bagagetransfer.
  • De Trans 74: Deze is redelijk nieuw. Hij lijkt op de Best of the Haute Savoie, maar je trekt klimmend, dalend en liftend van gebied naar gebied en slaapt elke nacht in een berghut. Je neemt je eigen -minimale- bagage mee en “wast je kleding en jezelf in de beek.”

Reizen voor ‘XC-hardtailers’ biedt AlpAdventures niet aan, omdat het gebied daar volgens Arno ‘gewoon te ruig voor is’. Ik vermoed echter sterk dat hij stiekem gewoon geen zin heeft om de hele dag technisch oninteressante paden te rijden. Wil je overigens iets geheel anders dan mountainbiken, dan kan dat ook. Van een zomers Alpen-avontuur voor het hele gezin tot rotsklimtrips: alles is mogelijk en op maat samengesteld. Datzelfde geldt voor het hele winterseizoen.

We leerden Arno kennen als een enthousiaste, gedreven gids. Hij weet niet alleen de juiste trails te vinden, maar kiest ook per dag het juiste gebied uit, afhankelijk van de weersvoorspelling. Daarbij is hij een gezellige gastheer die onderweg niet alleen over fietsen kan praten, maar ook een hoop interessants weet te melden over de natuur, cultuur en de bergen. Ook is hij oprecht geïnteresseerd in wie zijn klanten zijn en wat ze doen, en geniet hij duidelijk net zo veel van het fietsen als wij.

Meer informatie: www.alpadventures.com

Holy moly, wat zit er onder de folie? Als lunch krijg je elke dag krijg je een halve "intégral" mee in je rugzak. Wat er op zit, is elke dag weer een heerlijke verrassing. Vandaag blijkt het een klassiek broodje ei.

Dag 3: Samoëns en Le Grand Massif

Waar we de vorige dagen met een bus auto op stap gingen om een gebied in de regio te bezoeken, is het vandaag een thuiswedstrijd. Vanaf het chalet fietsen we namelijk naar de lift in Samoëns. Bovenaan begint de pret, ook al is het weer wat minder dan de afgelopen dagen. De trails zijn vandaag nat en glad. Vooral de serieuze endurotrails (deels EWS 2015!) op de noordhelling vlak onder het dorp. Iets wat ze een stuk lastiger maakt. Maar tegelijkertijd... als je een béétje ontspannen op je fiets zit en de fiets wat durft te laten gaan, dan blijkt dat die meestal wel zijn eigen weg vindt. Rijplezier en hilariteit (wanneer dat net niét lukt) gegarandeerd. Zo leek het ons een een goed idee om een sprongetje mee te pakken nét voor een lange modderige off camber grasbocht. Tja...

Ook Samoëns onderkent gelukkig het cultuurhistorische belang van de streek: Er wordt minder zwaar gekapt dan in veel andere regio's en ook hier zie je de boerderijen. Sterker nog: we lunchen vandaag letterlijk tussen de blije varkentjes, en voor we verder rijden gaat er nog een stukje Tomme de Savoie mee in de rugzak. Lekker voor de thuisblijvers!

Blije varkentjes spelen "slapen in een berghut"

Onze rit voert vandaag Zuidelijk, richting Le Grand Massif. We benaderen zelfs wintersportplaats Flaine (maar gelukkig niet helemaal, want dat dorp is écht een betonhel). Onderweg krijgen we diverse en lekkere trails voor de wielen. Vooral rond Les Carroz. De trails variëren daar van natuurlijk, tot standaard bikepark-spul, tot mijn favoriet daar: De 'Red Red Line.' Duidelijk aangelegd en flowy... maar wèl in het bos, en met links en rechts naast de hoofdlijn allemaal gekke natuurlijke bochtjes, kommetjes en sprongetjes waarop je gewoon lekker aan kan klooien zonder dat het pad je direct de kop afbijt. De langste afdaling deze dag is trouwens maar liefst zo'n 1.000 hm in één keer!

Terug in Samoëns gaan de fietsen en wijzelf eerst door de bikewash bij de lift, voor we terug fietsen naar Morillon. Het was een goede rit...

Dag 4: Chamonix, Le Tour

Chamonix. De bakermat van het Alpinisme. Vandaag is het ons startpunt. Maar niet ons eindpunt, want vanavond slapen we elders. Maar daarover later meer. Het is eigenlijk niet de meest logische startplek voor een mountainbikerit, want Chamonix zet 's zomers vol in op wandelaars. 's Ochtends vroeg staat er al een rij wandelaars van een kwartier bij de eerste lift, en veel paden zijn voor bikers gesloten. Veel spannends vind je direct om het dorp dus niet. Daarom rijden wij eerst gemoedelijk door de vallei het dorp uit richting het noordoosten. Le Tour, Vallorcine, die kant op. We tikken later zelfs nog een paar km's in Zwitserland af. Het karakter van de rit is een beetje dubbel... enerzijds rijden we veel natuurlijke, steile, stenige, technische paden in het bos...

Natuurlijk genoeg voor je?

Arno doet het nog één keer voor: afdalen... en erbij lachen...

...terwijl Toine het liever zakelijk houdt

Anderzijds zitten we vaak op hoogte vandaag. Daar is natuurlijk minder bos maar meer open stukken, steenbokken in het wild en briljante uitzichten op de Mont Blanc.

Lars doet het nog één keer voor: OVERDRIJVEN.

Vandaag is ook onze zwaarste dag. In ieder geval wat hoogtemeters betreft. We moeten namelijk aan het einde van de dag nog fietsend omhoog van zo'n 1.400 m naar La Refuge de Loriaz op 2.020 m...

“Slapen” in een hut: óók voor luxedieren.

Normaliter ben ik best een luxedier. Relaxed in een chalet, alles onder handbereik: lekker hoor. Gedurende onze trip sliepen we echter één nacht in een berghut en dat had ik toch niet willen missen. Stel je voor: richting het einde van de bikedag wacht je een lange klim naar een berghut, honderden hoogtemeters boven het laatste dal. Boven aangekomen zweet je uit, ga je even lekker douchen en… eh, nee dus. Berghutten zijn spartaans: een douche kun je vaak wel vergeten. In plaats daarvan trek je het tweede setje fietskleding aan dat je vandaag speciaal hebt meegenomen. Dit is de kleding waarin je tot morgenmiddag zal doorbrengen.

Dan begint het hutleven, waarin alle gasten hetzelfde ritme volgen: Eten in een grote zaal. Naar buiten om de zon achter de bergen te zien zakken. Weer naar binnen om nog wat te drinken. Tandenpoetsen. En dan gezamenlijk slapen in één grote slaapschuur, lepeltjelepeltjelepeltjelepeltje in één “circa-5-persoons-te-smal-bed”. Welterusten… Gelukkig heb je nog wel je eigen lakenzak om je heen. Koud zul je het niet snel krijgen, ook al is het onverwarmd en kun je door de kieren naar buiten kijken. Met een beetje mazzel moet je er ‘s nachts nog een keer uit om te plassen: als het je dan namelijk lukt om zonder je nek te breken de deur te bereiken… wacht je buiten een overweldigende sterrenhemel zónder lichtvervuiling. Zoek een steen zou ik zeggen, laat het maar lekker klateren, en geniet.

De laatste zon van dag vier...

Blije varkentjes spelen "slapen in een berghut"

Het einde van de nacht dient zich aan als je daglicht door de kieren ziet schijnen. Na het bewonderen van de ochtendzon is het tijd om -uiteraard gezamenlijk- te ontbijten. Dan bouw je -dit doe je dan weer wél alleen- alvast wat verzuring op op het klassieke Franse hangtoilet… en ben je klaar voor je fietsdag. Je kleding had je immers al aan. En mocht je nog niet helemaal wakker zijn, dan zorgt die lange, technische afdaling die je direct voor de wielen krijgt daar wel voor. Overnachten in een hut is niet iets wat ik een vakantie lang zou willen doen, maar om het een keer te ervaren is het fantastisch. Ik raad het alle luxedieren aan.

...en de eerste van dag vijf...

...dus hoog tijd om te vertrekken.

Dag 5: Vallorcine, Le Tour

Ook al moeten we vandaag terug naar het startpunt van gisteren... we rijden nauwelijks dezelfde paden als gisteren. Het zijn vooral verbindingsstukken op de weg en liften die we van gisteren herkennen. Het geeft maar aan hoeveel er ligt daar. Na onze brute startafdaling (hoppa, gelijk 600 hm in de zak!) pakken we wederom een stukje door Zwitserland, in de uiterste noordoostpunt van deze dag. We pakken vele, vele liftrondjes vandaag. Onze transferkilometers richting 'huis' zijn vandaag echter voornamelijk natuurlijke, bosrijke trails met ook veel stukjes bergop. Dat maakt het karakter van deze rit écht anders dan gisteren.

Ondanks dat blijkt achteraf dat we vandaag toch weer een belachelijke hoeveelheid gedaald hebben: 4.600 hoogtemeters, da's nog meer dan in Les Portes du Soleil! Om het in perspectief te plaatsen: da's bijna twéé tweedaagse Enduro de la Semoy's op één dag. Na een lange, mooie dag rollen we Chamonix weer binnen. De bus staat er gelukkig nog. Tijd voor een succesbiertje na deze prachtige tweedaagse trip.

Dag 6: St. Gervais

St. Gervais staat bij de Alpinisten bekend als dè startplek voor de beklimming van de Mont Blanc. Zover komen we vandaag echter niet. Lang niet zelfs, het zal een relatief korte rit blijken vandaag. Het weer begint namelijk goed, maar een beetje nat is het al wel. Dat zorgt al snel voor modder en gladde wortels: verre van ideaal op de toch al technische paden, Maar toch: vooral degenen die na vijf dagen nog wat frisser zijn en daarom wat ontspanner op de fiets zitten, is het een lekkere dag glibberen en glijden. Durf en je wordt beloond!

Voor de lunch is de omgeving sowieso mooi. Het weer af en toe.

Rond de lunch is het nog even droog...

In de middag houdt het echter op met zachtjes regenen. Schuilen is ook maar eventjes leuk, na een tijdje besluiten we terug te rijden naar het dal, via wat eenvoudiger trails. Terug bij de bus, blijkt de lift zelfs al gesloten wegens naderend onweer. Zelfs letterlijk op de knieën smeken bij de kassajuffrouw (hoera voor kniebeschermers) mag niet baten: We kunnen niet meer mee terug omhoog. Uit met de pret.

Praktisch

Bereikbaarheid
Samoëns ligt op circa 1.000 km van Utrecht en is goed met de auto te bereiken. Als je via Frankrijk rijdt, kom je tolwegen tegen. Reis je via Zwitserland, dan komt daar nog een vignet bij. Als alternatief brengt een (hogesnelheids)trein je in circa 12 uur tot aan Chamonix, vanaf daar is het, nog een uur met de auto.

Fiets en materiaal
Wij reden op all-mountain full suspension fietsen met 150 mm veerweg en eigenlijk alles wat we reden was daarmee te doen. Waarbij we uiteraard (…) de road gaps en ‘8 m dubbels’ vermeden. Wil je echt met je downhiller knallen, dan is er uiteraard met name in de grote bikeparks in de regio veel ‘donkerzwarts’ te vinden. We kruisten ook veel tammere paden die je met wat lichtere fietsen ook prima kan doen, zolang je je banden en bescherming maar op orde hebt.

Wanneer
De liften zijn grofweg van de laatste week juni tot de eerste week september open voor fietsers.

Weer
De gebieden waar wij reden liggen erg verspreid in de Haute-Savoie. Dat betekent dat het ene gebied ander weer kan hebben dan het andere. En dat het de volgennde dag andersom kan zijn. Houd daarmee rekening bij je reisplanning. Daarbij zijn de gebieden Les Portes du Soleil (aangelegde, harde paden) en het gebied achter Samoëns ook aardig rijdbaar bij minder droog weer, maar sla je op een regendag Clusaz en St. Gervais beter even over. Los daarvan heb je uiteraard altijd je “voor als het nodig is jasje bij je”, en houd je het weer ook onderweg in de gaten.

Tekst: Lars Vogelenzang
Foto's: Toine Overbeek, Arno de Jong, Joost van Mechelen

Posted in Specials, Spots and tagged , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , .