De aandrijvings(r)evolutie?

Het is bijna voorjaar en de roddelmolen over nieuwe producten – met name aandrijvingen – begint naar de seizoensopeners in het Noordelijk halfrond weer langzaam op gang te komen. De schappen liggen vol met 2014 producten, dus hoog tijd om vooruit te kijken naar 2015 en een kritische blik te werpen op de snelle verandering in aandrijvingen de laatste paar jaar.

KISS – Keep it simple, stupid.
Anno 2014 is de aloude triple crank nog niet dood verklaard, maar wel een in een verdomhoekje geschopt. De voorderailleur is – als je de klagers moet geloven – de zwakste schakel in de mountainbikeaandrijving. Sterk afhankelijk van de staat van de voorbladen werkt het bewuste schakelapparaat onder last slechts met tegenzin mee. Modderophoping: hoe meer bladen des te erger. En de ketting op de bladen houden terwijl je een ruige rockgarden doorkruist: ho maar. Dubbele bladen hebben triples op de typische XC racebak al lang vervangen, maar een hele groep rijders heeft ontdekt dat je gewicht, gedoe en complexiteit kan besparen door het tweede blad ook maar in de container te gooien. Samen met de shifer, voorderailleur en een flinke lus kabel.

De vergelijking met gravity rijders gaat niet helemaal op: zij wisten allang dat een enkel blad (samen met robuuste kettinggeleiding) flink meer zekerheid biedt. Maar deze groep kan rondkomen met een 11-25 of 12-27 racecassette en heeft een lift – of de benenwagen – om bij het starthek te komen. Bij de rest van de mountainbikewereld blijft een enkelblads-aandrijving het domein van verdwaalde cyclocrossers, een handje vol weightweenie XC racers en zowat alle Britten (wonend waar 364 dagen per jaar de modder tot aan je oren schijnt te komen). Maar tenzij je de benen van een baansprinter of een liftpas bezit, of heel toevallig net mooie rollende heuvels hebt om op te rijden… nee: voor de meeste rijders, zeg gerust de overgrote meerderheid, is het bereik van zo’n aandrijving veel te beperkt, al monteer je een 11-36 cassette.

fsr06 Een klassieke doe-het-zelf oplossing, hier op onze Project S testfiets: 11-36 10-speed cassette, enkel narrow-wide kettingblad en een Shimano Saint shifter en korte kooi achterderailleur

Enter XX1. SRAM bracht ons in de zomer van 2012 ‘de groep die iedereen thuis al in elkaar beunde, maar dan beter’. 1×10 met de extra versnelling om net wat minder te moeten harken. Bevriende wielrenners lachen er om (uit onbegrip), mountainbikers, zowel voor als achter de kassa, springen er boven op. Want XX1 biedt meer voordelen dan slechts een vergroot bereik (420% vs 327% die tot nu toe beschikbaar was met een ‘reguliere’ 1×10): het enkele voorblad, gecombineerd met een clutch achterderailleur maakt kettinggeleiding nagenoeg overbodig. Hoewel XX1 aanvankelijk gepresenteerd werd als een nicheproduct voor enduro racers, spreekt de simpele uitstraling velen aan – XC racers incluis – en geeft het gebrek aan voorderailleur frameontwerpers flink wat nieuwe vrijheid qua vormgeving. Een ware (r)evolutie.

Rumour has it…
Anderhalf jaar na de introductie heeft SRAM twee 1×11 groepen en is een cyclocrossproto al gespot. De verkoopprijzen zijn wat gezakt maar de ‘budget’ X01 tegenhanger is niet aanmerkelijk goedkoper. Niet zo gek met zo’n one-piece, bewerkelijke cassette. Ondertussen vraagt de twijfelende consument zich af wat er op X7 en X9 niveau gaat komen en zitten de Shimano fanboys met hun handen in hun haar. Waar blijft het antwoord uit Japan? Want zo’n nicheproduct blijkt een 1×11 groep toch niet te zijn. Ja, je moet op een gegeven moment kiezen – welk buitenblad en welke verzeten je kan missen, want het bereik van 420% van XX1 en X01 komt nog lang niet in de buurt van een triple (±620%) of een Rohloff (526% – oké, laten we ‘m maar noemen om eerlijk te zijn). Maar dat was toch het hele idee? De meest overbodige verzetten de kliko in!

Terwijl Shimano maar weinig van zich laat horen, krijgt SRAM enig weerwoord van andere fabrikanten die enkele technologieën uit de 1×11 groepen overnemen. Onder andere WolfTooth Components en RaceFace maken nu eveneens narrow-wide kettingbladen. Leonardi maakt een stervensdure adapter om je 10 speed 11-36 cassettes om te bouwen naar 11-40. En Recon levert al een 10-speed 11-40. Onlangs noemde we nog One Up Components, die een los 42 tands tandkrans maakt voor je 11-36 cassettes. Hope, naar het schijnt Works Components, Wolftooth en het Franse HXR doen inmiddels – weten we sinds deze week – ook mee. Alles zou moeten werken met je bestaande shifter, achterderailleur en cassettebody (Shimano/SRAM). Je laat simpelweg ‘ergens anders’ een kransje van je cassette weg. Het kleinste 10 tands kransje van de SRAM 1×11 groepen ontbreekt en je hebt daarmee nog niet het bereik van SRAM’s 1×11, maar de orde van investering is dan ook significant kleiner. Als al die aftermarket onderdelen eenmaal goed leverbaar zijn en achterderailleurs niet massaal kapot gedraaid worden op de (te?) grote tandkranzen, zal blijken of SRAM zich met het perfectioneren van 1×10 (naar 1×11) uit de markt heeft geprijsd, of dat hun idee toch beduidend beter werkt zonder adapters, aanpassingen en gebeun.

OneUp01
Waarom niet één kleiner kransje gewoon inruilen voor een 42t model?

En toch, het is 2014 en Shimano is (net als SRAM en Campagnolo) op de weg al over naar 11-speed, met de 9000-serie Dura Ace en 6800-serie Ultegra groepen. Als ze hun eigen traditie trouw zijn is het slechts een kwestie van tijd voordat andere groepen, ook die in het offroad segment, er een kransje bij krijgen. Komt er dan weer een groter tandwiel naast (38, 40, 42?) of ééntje ertussen? En wanneer komt die Di2 elektrisch geschakelde XTR groep? Dat elektronica in de modder prima werkt bewezen ze al op menige cyclocrossfiets en K-Edge toonde ruim 2 jaar geleden aan dat het allemaal niet zo moeilijk hoeft te zijn om het te bewerkstelligen. Maar de media zaten er bij de vorige geruchtenronde ook al eens flink naast. Kortom: nog geen piep van Shimano, terwijl de hele XTR groep met de huidige markt-snelheid eigenlijk wel toe is aan op z’n minst een facelift, maar misschien ook wel een algehele revisie. Hoewel Shimano in de eerste plaats een allemansvriend is door vooral veel en brede opties aan te bieden, zijn ze zeker niet vies van nicheproducten (Saint groep, Capreo, hallo?) en hebben ze de populariteit van XX1 met eigen ogen zien stijgen. Ze zouden wel gek zijn. Dus:

This one goes to eleven…
Moest u ook denken aan This is Spinal Tap? Of dacht u “alweer dezelfde grap?” Goed zo, want je kan je terecht afvragen of nog een tandje erbij inmiddels gaat neigen naar absurdisme. De voorderailleur weghalen heeft voor sommige gebruikers en ook ontwerpers een aantal duidelijke voordelen. Om de daaruit volgende aandrijving nog een acceptabel bereik te geven komt er echter wéér een krans bovenop de 10 die we al hadden. Wanneer komt de grens in zicht? Voor de retrogrouch is die al gepasseerd voorbij de 7 versnellingen en is ieder bijkomende tandwieltje een aantasting van de betrouwbaarheid, een onzinnige toename aan complexiteit en een complot van big bicycle industry om hoge verkoopcijfers af te dwingen.

CanyonStrive_03De must-have aandrijving van 2013: SRAM XX1 11-speed. Hier nog met kettinggeleiding, maar ook bewezen betrouwbaar zonder

Of dat hout snijdt of niet, op een gegeven moment loop je tegen een grens aan. Dat Shimano een patentclaim heeft voor een 14-speed cassette die over de paraplu van de spaken hangt, is enigszins oud nieuws. In theorie zouden ze SRAM even flink kunnen overtreffen met hun XX1 en X01 groepen, zonder een al te idiote ingreep in de normen en standaarden die voor meeste fietsen gelden. Anderzijds: iedere ‘standaard’ die heilig was heeft men de laatste jaren losgelaten, dus waarom gewoon niet gelijk 150 mm inbouwbreedte afdwingen om ruimte te maken voor extra tandjes?

Er is echter een goede reden om dit pad niet te bewandelen: cross-chaining hel. SRAM’s 1×11 groepen zijn, met de ketting op het grote 42-tands blad geschakeld, al enigszins intolerant voor terugtrappen. Niet dat je nou zo vaak terugtrapt, maar pedal dipping om perfect voor die steile opstap te staan is ervaren rijders niet vreemd. Het alternatieve pad is nòg smallere kettingen en nòg ieeeetsje smallere kettingbladen en kransjes. Alleen loop je dáár op een gegeven moment tegen een andere grens aan: kransjes moeten nog wel stijf genoeg zijn om A) heel te blijven en als dat het geval is: B) nog fatsoenlijk te schakelen.

Conclusie
Simpelweg: we gaan het zien. Misschien komt Rohloff eindelijk met die super lichte naaf waar we het al 10 jaar over horen en is een grotendeels gesloten aandrijving niet meer voorbehouden aan IdWorks, Santos en Nicolai eigenaren. Of misschien komt Shimano – die versnellingsnaven ook niet vreemd is – met iets dergelijks? Een Alfine met nog wat extra trappen? Speculatief roep ik: vrijwel zeker niet. Ze zullen er eerder een tandje bij plakken. Maar hoe dat geschakeld wordt? Verwacht het antwoord tegen Sea Otter wel te weten!

EW

Posted in Nieuws.
  • Mooie schets van de stand van zaken!

    Mijn conclusie: ik wacht nu nog heel even met het vernieuwen van de aandrijving op mijn fietsen… Ofwel om een hele goede deal te pakken op oude spullen of om tzt een upgrade te maken naar het laatste, nieuwste. Als dat aansprekend genoeg is!