Garmin Edge 1030: Trainingsbeest… maar óók spoorzoeker?

Op Eurobike 2017 introduceerde Garmin haar nieuwste topmodel: de Edge 1030. Een €600 kostende GPS fietscomputer met een enorm scherm en een onwaarschijnlijk aantal functies ter ondersteuning van je training en connectiviteit.

Maar wat als je als toerende biker je GPS vooral als navigatiehulpmiddel gebruikt? Het grote scherm lijkt dan een dikke pré, maar is het de stevige prijs waard? Tijd om dat uit te zoeken.

Grind? Nee, stenige bergpaden zoeken we! We gaan zien of de 1030 ons er -op een andere fiets gemonteerd- er veilig doorheen loodst.

Vlaggeschip

De Edge 1030 is de opvolger van de 1000. Het is een flink apparaat. Enerzijds qua afmeting dankzij het een enorme 3,5″ scherm. Anderzijds door de hoeveelheid functionaliteit: een voorgeïnstalleerde fietskaart, verbindingsmogelijkheden met onder andere vermogensmeters, Shimano’s Di2, Garmin’s verkeersradarsysteem en automatische koppeling met Strava en allerhande coachings-apps. Of zelfs de mogelijkheid om andere Garmingebruikers in je fietsgroep op afstand te lokaliseren en ze vanaf het toestel berichten te sturen. Allemachtig…

Maar wat als je als toerende biker je GPS vooral als navigatiehulpmiddel gebruikt? Dán zijn met name de kwaliteit van de kaart, de kwaliteit van het scherm en de accuduur van belang. De trainingsfuncties zijn minder belangrijk. Voor deze doelgroep verkoopt/verkocht Garmin “Explore” versies van de hun 820 en 1000, met beduidend minder (trainings)functies. Tegen een minderprijs van zo’n €70. Van de 1030 bestaat géén Explore-variant. Maar trainingsfuncties of niet: Het grote scherm en beloofde accuduur van de 1030 deden me toch besluiten om de 1030 aan te vragen voor een tien weken durende test, met als zwaartepunt “mountainbikenavigatie”.

Edge Explore
Richting het einde van de testperiode kwam echter de nieuwe nummerloze “Edge Explore” beschikbaar. Met een dezelfde fietskaart, een iets kleiner scherm en zoals verwacht geen vermogensfunctie en minder trainingsfuncties. Deze hebben we niet getest, we komen er aan het einde van dit verhaal wel kort op terug.

Garmins fietskaart: Bruikbaar voor mountainbiken?

De 1030 komt met een voorgeïnstalleerde Europese fietskaart, opvallend genoeg niet op basis van informatie van de officiële instanties, maar van OpenStreepMap-data (OSM-data), waaraan iederéén kan bijdragen. Deze kaart is grafisch erg strak en zeer goed afleesbaar. Qua inhoud voldoet hij voor niet-bergachtige gebieden zeker. In de bergen valt echter iets op: Deze kaart toont geen hoogtelijnen! Die informatie zit er wel in (hij berekent immers de hoogtemeters van een spoor), maar wordt níet getoond! Noch op het toestel, noch in de Basecamp PC-applicatie, noch in de Garmin Connect app. Als je met je mountainbike de bergen ingaat en zelf sporen* wilt tekenen, andermans sporen wilt rijden of onderweg een alternatieve route zoekt, is dat een groot gemis en het verbaast me dan ook sterk dat Garmin deze keuze heeft gemaakt.

* Garmin gebruikt binnen de fietswereld overigens één woord voor zowel sporen als routes: “koersen”.

Is de 1030 hiermee kansloos in de bergen? Welnee. Je kan namelijk ook andere kaarten installeren. Garmin’s eigen Topo-kaarten bijvoorbeeld. Zeer gedetailleerd en op basis van officiële informatie. Daarom zijn die kaarten duur. Voor geheel Frankrijk bijvoorbeeld, betaal je rond de €300. Een alternatief is Openmtbmap (OMM). OpenMtbMap is óók op basis van OSM-data, maar dan afgestemd op mountainbikers. OMM toont wél hoogtelijnen én ook meer topografische informatie: drinkwaterpunten, hutten, of andere markante herkenningspunten in het landschap. Hij kent zelfs de T1 tot en met T6 hikingtrails-moeilijkheidskwalificatie van de Zwitserse Alpine Club (SAC). Grafisch haalt hij echter lang niet het niveau van de Garmin kaart, goed bruikbaar is in ieder geval de gebruikte Franse kaart zéker. Je betaalt slechts €20 voor een jaar downloadtoegang tot al hun kaarten. Daarvoor hoef je het ook niet te laten!

Top van de Col de La Schlucht, Vogezen, Frankrijk. Links OMM, rechts Garmin. Behalve de hoogtelijnen zie je in OMM ook topografische herkenningspunten als de elektriciteitsmast rechtsboven het midden.

Hetzelfde punt in Basecamp. Links OMM, rechts Garmin.

Beide kaarten kenden niet 100% van de paden die ik reed in de Haute Savoie. Aangezien beide kaarten gebruik maken van dezelfde data, verraste het me dat ik soms op de ene kaart een pad miste, soms op de andere. Ik kreeg de indruk dat de Garminkaart er nét iets meer kent. Waarom? het kan te maken hebben met hoe vaak en wanneer kaartmakers hun kaarten updaten. Van beide kaarten had ik de nieuwste versie geïnstalleerd.

Daarnaast moet je wel beseffen dat Garmin al bij introductie aangaf dat de kwalititeit van de OSM-data per land verschilt. In gebieden waar weinig gefietst wordt, is de data duidelijk slechter. De ervaring van onze ex-noordeling Eric Wictor bevestigt dit. De OMM kaarten (op basis van OSM, remember?) van Zweden en Noorwegen noemt hij ronduit slecht.

Col de Refuge, Haute Savoie, Frankrijk. Links OMM, rechts Garmin.

Hetzelfde punt in Basecamp. Links OMM, rechts Garmin.

Je kan natuurlijk maar één kaart tegelijk bekijken. Wil je van getoonde kaart wisselen, dan moet je diep in de menustructuur duiken. Edoch: met een trucje kun je onderweg tóch snel van kaartweergave wisselen. De 1030 gebruikt namelijk “activiteitenprofielen”, waarin je allerlei zaken éénmalig instelt. Standaard vind je road en mountain. Maak thuis een kopie van mountain en stel daarin in dat hij de Openmtbmap kaart toont. Onderweg kun je vervolgens met slechts vijf keer drukken/swipen van activiteitenprofiel en daarmee van kaart wisselen.

Scherm en bediening

Het grote beeldscherm is erg helder en duidelijk, en met de belichting op auto-stand heb je altijd genoeg licht. Het scherm kan echter wel spiegelen; zorg dus voor een goed afgestelde kijkhoek. Het is erg prettig navigeren met zo’n groot scherm: je kan ver inzoomen en toch goed overzicht houden op wat er aankomt. Andersom werkt het voordeel ook: als je je wil oriënteren, dan kun je ver uitzoomen en toch nog enige mate aan detail op het scherm houden. In de praktijk hoef je daarom tijdens het rijden niet zoveel te zoomen.

Je bedient de 1030 voor 95% met het aanraakscherm. Die werken op dit soort apparaten nog wel eens moeizaam. Zo niet bij de 1030: Mét of zonder handschoenen, droog of nat: het ding reageert bijna altijd zoals gewenst. Het enige gekke dat ik ben tegengekomen is dat hij soms een “ik wil van scherm wisselen-swipe” interpreteert als een “ik wil naar het beginscherm.” In zeer heftige regen, tenslotte, reageert hij sporadisch op de druppels. Maar dan moet het écht hard gaan.

Behalve de aan/uitknop op de linkerkant vind je op de achterkant nog een ronde knop en een start/stopknop. Die positie werkt, maar voelt niet superlogisch. Misschien was het handiger geweest om ze op de zijkanten te positioneren, omdat dan met je hand het toestel rondom op de kunststof behuizing kan omvatten en de knop goed kan ‘inknijpen’. Ook nog wat méér knoppen, of een mogelijkheid om ze te programmeren was prettig geweest. Maar zoals gezegd: het aanraakscherm werkt goed, eigenlijk niks aan de hand dus.

De menustructuur van de 1030 is logisch, en het instellen naar je voorkeuren (welke schermen wil je zien, met welke informatie, et cetera) gaat snel en gemakkelijk. Slechts voor specifieke zaken zul je de handleiding nodig hebben.

Navigatie

De ontvangst van het toestel is goed, ook in het bos. Net als veel toestellen is hij onder een dik bladerdek heel af en toe het spoor even bijster, maar hij pakt het in de praktijk vervolgens snel genoeg weer, zodat het geen problemen oplevert.

Zowel de Garmin als de Openmtbkaart is routeerbaar. Je kan dus een eindpunt (plaats, adres, restaurant, et cetera) ingeven waarna je GPS de weg er naar toe berekent. Op de weg-/racefiets werkt dat over het algemeen goed, maar niet altijd 100% perfect. Zo weigerde de 1030 me eens met de racefiets -rijdend van Deventer richting Arnhem- recht over de Loenermark te leiden, omdat ik voor de racefiets onverharde paden heb uitstaan en de 1030 ten onrechte dacht dat een deel van de doorgaande weg over de Loenermark onverhard is. Liet ik hem de route mét onverhard aan berekenen, dan stuurde hij me dwars de Veluwe over, deels over mulle zandpaden (!). Verder valt het op dat de 1030 de route af en toe opnieuw berekent, terwijl je er gewoon op zit en dus blijkbaar het spoor bijster is. De routering is dan een paar seconden afwezig.

 

…en zelf ook goed na te blijven denken. Iets wat in de bergen sowieso niet verkeerd is…

 

Off road in de bergen is het cruciaal om de juiste manier van routeren (snelst – kortst – minste stijging) te selecteren en zelf ook goed na te blijven denken. Iets wat in de bergen sowieso niet verkeerd is, maar dat terzijde. Om een voorbeeld te geven: zie afbeelding!

Aan het einde van een fietsdag leidde een steile, hoge klim (650 hm) over een 4×4 paden me naar de berghut waar ik die nacht zou slapen. De router – in modus kortst – stuurde me de eerste 200 hm’s niet via het ‘rode’ 4X4 pad, maar via een wandelpad omhoog. Voor de gein heb ik, als enige van mijn fietsmaten, die route gepakt. Nu houd ik écht van technisch klimmen, maar van dit steile wortelpad kon ik maximaal slechts zo’n 10% fietsen (de rare lange lijnen tussen de trackpunten komen door de autostop), terwijl de wandelaars me aankeken met blikken die tegelijkertijd bewondering, medelijden én leedvermaak uitstraalden. Ik kwam overigens wel letterlijk 20 m voor mijn groepsgenoten weer de grintweg op…

Los van de drie manieren van routeren, heeft de 1030 nog een optie die ik niet bewust onderzocht heb, maar wel interessant kan zijn: ze noemen het Trendline Popularity Routing. Daarbij houdt de software rekening met de populariteit van paden en wegen bij bikers, gravelers en racers, op basis van data die gebruikers van de Garmin Connect app aanleveren.

Als je geen routes gebruikt, maar gewoon sporen wilt volgen, dan kan dat op twee manieren. Je kan simpelweg het spoor op de kaart projecteren en dan op het lijntje blijven. Voor de meeste sporen werkt dat prima, zolang je weet wat je startrichting is. Bij ingewikkelder sporen die zichzelf meermaals kruisen zijn de turn by turn aanwijzingen nuttig: die geven precies aan waar je af moet slaan, bijna alsof je een echte route met routepaaltjes rijdt. Wel een duidelijke waarschuwing (Edge-gebruikers zullen het herkennen): Zorg dat je je spoor vooraf netjes en nauwkeurig hebt gemaakt! Als hij te grof getekend is, als er vergissingen van vorige rijders in zitten of “lunchpauzes” met een bak punten op dezelfde plek, dan kan het toestel onderweg denken dat je een punt gemist hebt. Het begint dan te zeuren dat je terug moet. Zo raakte ik bij een meermaals kruisend spoor al eens redelijk in het begin de juiste volgorde kwijt.

Wat me verder nog opviel is dat je met de Edge 1030, in tegenstelling tot met sommige oudere Edge modellen, niet een omgekeerde kopie van een spoor kan maken. Niet direct van belang voor heftige mountainbikekoersen in de bergen met een saaie klim en vette afdaling, wel voor rondjes op de weg. Hoe dan ook, als je een spoor andersom wilt rijden mét turn by turn geleiding, dan begin je daar gewoon mee, en vervolgens kun je met “Terug naar start / via dezelfde route” de geleiding omgekeerd laten werken.

Accuduur: Hoeveel sap zit er nog in?

De voorloper van de 1030, 1000 geheten, beloofde een maximale accuduur van 15 uur. In het veld rapporteerden gefrustreerde gebruikers echter significant kortere tijden… Met de 1030 belooft Garmin beterschap en een maximale accuduur van 20 uur (een los leverbare externe accu levert nog eens 24 uur extra). Nu is accuduur sterk afhankelijk van de omstandigheden én hoe jij het apparaat gebruikt. Daarom ter indicatie hieronder een aantal gemeten waardes. Bij alle ritten stond het scherm voornamelijk op kaartweergave, stond het geluid aan, stond Bluetooth uit en was er dus geen telefoon aangesloten:

  • hartslag, snelheid- en cadanssensor aan, licht op maximaal, geen autostart/-stop, voorjaar: 8,5 uur totaal;
  • geen sensoren, licht automatisch, geen autostart/-stop, voorjaar: 14,5 uur totaal;
  • remote-sensor aan, geluid aan, licht op auto, autostart/stop met autosleep, mid-zomer: Na 7,5 uur zuivere rijtijd verdeeld over twee lange “bergdagen” van in totaal zo’n 15 uur was er nog 10% accu over.

Data-overdracht, updates en software

Wil je extra kaarten, tracks en andere data op de 1030 zetten: leef je uit, hij heeft 16 GB interne opslagcapaciteit én een SD-kaart-slot. De volledige topografische Garmin kaart van Groot Brittannië is bijvoorbeeld 800 MB en verdwijnt er bijna in! Het overzetten duurde wel zo’n 12 minuten.

Ik ondervond wel problemen met de PC-applicatie Basecamp na het updaten naar versie 4.7. Dat weigert categorisch om kaarten op het toestel te zetten. Een bekende bug, zo bleek achteraf. Kaarten laden doe ik daarom nu weer met het stokoude Mapsource. Daarnaast geeft Basecamp 4.7 steevast een foutmelding bij het aansluiten van het toestel, maar uiteindelijk maakt hij toch contact en kun je de Garmin fietskaart ook in Basecamp op je scherm toveren.

Uiteraard heb je niet per se een PC nodig om tracks op de 1030 te zetten. Sterker nog, voor veel gebruikers klinkt dat hopeloos ouderwets, want tegenwoordig doe je alles met je smartphone, right? Daarvoor moet je de Garmin Connect app op je telefoon installeren en een account aanmaken. Gratis, makkelijk en snel. Besef je wel dat je je data deelt met Garmin. Dan laat je éénmalig de 1030 kennismaken met je telefoon. Daarna kun je met Garmin Connect sporen direct naar het toestel sturen. Gereden ritten worden op hun beurt bij synchronisatie automatisch geupload naar Garmin Connect.

En zelfs dat is nog niet alles! Je kan allerlei extra applicaties van derden installeren op de 1030. Degene die we hier noemen is de bekende wereldwijde Trailforks trail-database van Pinkbike. Via Garmin Connect installeer je een kleine app op de 1030, waarna je op het toestel in de Trailforks-database kan zoeken en sporen kan downloaden.

Kun je nú nog geen inspiratie vinden? Dan wordt het tijd voor een andere sport…

…Voor wie zich ondertussen afvraagt of de samenwerking met Strava nét zo gemakkelijk verloopt. Géén idee, ik heb geen Strava. Ja, die mensen bestaan nog…

Tot slot: Het updaten van de fietskaart naar de nieuwste versie (enkele malen per jaar, en gratis gedurende de hele levensduur van het toestel!) via Garmin Express en het updaten van de toestelfirmware naar versie 6 gingen goed. De toestelsoftware draait stabiel.

Montage op de fiets

De 1030 wordt geleverd met twee bevestigingen. Allereerst de “Out Front mount” die het toestel vóór je stuurpen plaatst. Te zien op de bovenste foto. Lekker aero en goed afstelbaar, maar voor het biken ongeschikt: dikke kans dat je je Edge 1030 bij een crash tegen een boom prakt… Daarnaast levert Garmin twee stuks van de bekende kleine rond/vierkante steuntjes mee, die je met elastieken om je stuurpen klemt. Dat is een kwestie van proberen: de steun past niet op een erg korte stuurpen en is niet in hoek afstelbaar. Het moet dus allemaal maar net passen!


Deze zit perfect: de rond/vierkante steun past precies op de 70 mm stuurpen en de kijkhoek is goed. Het fikse formaat van de 1030 (zo’n 11 cm lang) is hier overigens duidelijk zichtbaar.

Voor een beschermde en toch stevige en afstelbare montage heeft Garmin gelukkig de los leverbare Edge mountainbikesteun en die doet precies wat hij belooft. Het enige nadeel is dit: de GPS zweeft, afgesteld op de voor mij juiste kijkhoek, vér boven de stuurpen. Dat ziet er eigenlijk gewoon niet uit.

Valt wel op zo, zeker in het wit. Je kunt’m wel camoufleren met een siliconen beschermhoes, leverbaar in 6 kleuren.

Mijn advies is daarom: Probeer eerst of de simpele vierkante stuurpenmontage voor jou werkt. Zo niet: overweeg de Edge mountainbikesteun, of onderzoek het grote aanbod aan alternatieven.

Edge afstandsbediening: nooit meer je handen van het stuur!?

Als extraatje stuurde Garmin nog een Edge afstandsbediening: een draadloze duimbediende drieknops afstandbediening. Deze werkt goed en zit -uitgaande van een 1x dropperhendel onder het stuur- niet in de weg van die hendel. De 1030 weet hem dankzij ANT+ ook altijd direct te vinden. Het is vooral een handig trainingshulpmiddel als je je rondes wilt klokken, handmatig start/stopt en als je veel van scherm wisselt (bijvoorbeeld van kaart naar vermogensweergave). De knoppen kun je ook in beperkte mate programmeren. Gebruik je je GPS vooral als navigator en heb je autostart/stop aanstaan, dan heeft de afstandsbedieining weinig meerwaarde voor je. Daarnaast zal hij een kleine invloed hebben op de accuduur van de 1030, omdat de sensor voor de afstandsbedining aan moet staan.

Edge 1030 versus Edge Explore

De onlanks geïntroduceerde Edge Explore heeft, zoals gezegd, géén vermogensfunctie, minder trainingsfuncties, een iets kleiner maar nog steeds fiks 3″ scherm én dezelfde fietskaart. Klik hier voor een vergelijking met de 1030. En dat voor de prijs van €250! Is dát dan eigenlijk het apparaat dat je als toerder moet hebben? Wellicht, de hoeveelheid functionaliteit voor je geld is veelbelovend.

Er zitten wel wat addertjes onder het gras. De Explore heeft een beloofde accuduur van niet 20 maar 12 uur. Maak je héle lange dagen en gebruik je veel sensoren, dan kon dat wel eens krap worden. Verder heeft hij geen GLONASS-ontvanger, wat de ontvangstkwaliteit onder dichte begroeiing zou kúnnen verminderen. Een praktisch nadeel tenslotte is dat de Explore niet de activiteitenprofielen van de 1030 heeft. Dat lijkt klein bier, maar het tonen van een andere kaart vergt dan maar liefst 12 handelingen. Daarnaast moet je, als je naast je mountainbike ook een racefiets (en een graveler, en een …, en een…) hebt, veel zaken met de hand instellen elke keer als je van fiets wisselt: Het aan- en uitzetten van een cadanssensor bijvoorbeeld, maar ook de routering-voorkeuren.

Conclusies: alles wat je je kan wensen, maar tegen een prijs

Het goedkopere alternatief klinkt interessant, maar bevat compromissen
Een fiets-GPS met de prijs van een chique smartphone… Is zoiets zijn geld waard? Als high tech trainingsapparaat waarschijnlijk sowieso wel, maar daar gaat deze test niet over. Die gaat over mountainbike-navigatie. Het grote heldere scherm is daarvoor fantastisch en de bediening werkt goed. Routering en geleiding op de sporen werken over het algemeen ook goed. Het blijft wel even opletten in de bergen, maar dat geldt voor elk toestel. De Garmin fietskaart is grafisch prachtig en bevat – in ieder geval voor Frankrijk – de meeste mountainbikepaden, maar stelt vanwege het gemis aan hoogtelijnen en topografische elementen voor mountainbikenavigatie toch een beetje teleur. Maar met de kleine meer-investering in Openmtbmap-kaarten is ook dat probleem opgelost. Dat wil zeggen: in landen waarvan de OSM-informatie goed is. In andere landen zul je toch dure kaarten moeten bijkopen als je écht wilt spoorzoeken. De activiteitenprofielen schelen je veel werk als je van kaart wilt wisselen en meerdere fietsen hebt. De accu haalt in mijn praktijk niet de beloofde 20 u, maar bleek wel genoeg voor twee lange fietsdagen achteréén.

Samengevat kun je zeggen dat als je hard en systematisch traint én off road in de bergen onderweg bent, de 1030 zo’n beetje álles biedt wat je je kan wensen. Wil je – terugkomend op de insteek van deze test – vooral navigeren, dan wordt het ook niet veel beter dan de 1030. Dit alles komt echter wel tegen een serieuze prijs. Denk je uit te kunnen komen met de fiks kleinere accu van de Edge Explorer en heb je de activiteitenprofielen niet nodig, dan is die zeker het overwegen waard: Je bespaart er €350 mee.

‘Edge 1025 Bikerbundle’
De laatste gedachte is een suggestie aan Garmin: De “Edge 1025 Bikerbundle” voor de verwende Alpentoerder. Met de processor, scherm, accu en de mooie Garmin fietskaart van de 1030, maar dan uitgebreid met de hoogtelijnen en topografische data die tóch al in OSM aanwezig zijn. Daarnaast met een mountainbikesteun en een beschermhoes. In ruil heeft hij géén vermogens- en trainingsfuncties, activiteitenprofielen en out front mount. En dat alles voor, zeg, €549? Alles wat daarvoor nodig is, is een goed gesprek met OpenStreetMap en een beetje crippleware

Prijzen

  • Edge 1030, inclusief Out Front mount en een montagevierkant met elastieken: € 599,99
  • Edge 1030 bundel met bovenstaande plus een hartslagborstband, een snelheidsensor en een cadanssensor: €679,99
  • Edge mountainbikesteun: €39,99
  • Edge afstandsbediening: €49,99
  • Charge Powerpack externe accu (niet getest): €129,99
  • Siliconen beschermhoes, in verschillende kleuren (niet getest): €14,99

Tekst: Lars Vogelenzang
Foto’s: Eric Wictor

Posted in Reviews and tagged , , , , , , , , , , , , , , , , .