Test | WTB Raddler: De gravelband voor mountainbikers…

… en gravelaars die meer dan alleen grind opzoeken

Het gravelgenre is betrekkelijk nieuw. En dus zijn er ook veel verschillende producten op de markt die allemaal een variatie zijn op wat dat genre omvat. En naast geometrie wordt er nergens zoveel geprobeerd als bij banden.

WTB was er als één van de eersten bij en hun aanbod in profielen is imposant te noemen. De Raddler is volgens WTB een semi-slick die meer vertrouwen geeft wanneer je de limieten opzoekt.

Jeroen ging opzoek naar die limieten van deze gravelband.

WTB Raddler 700 x 40c

De Raddler is voor een gravelband al relatief grof genopt. Toch is-ie niet de grofste in het assortiment van WTB.

Wilderness Trail Bikes

WTB heeft altijd een bijzondere plek in mijn perceptie van de fietsindustrie gehad. De originele oprichters, Charlie Cunningham, Steve Potts en Mark Slate, stonden aan de wieg van heel veel producten en standaarden in de begin dagen van het mountainbiken midden jaren ’70. Veel van wat we nu hebben, is op een of andere manier wel te herleiden naar het drietal. Verenigd onder ‘Wilderness Trail Bikes’ (kortweg ‘WTB’) hebben ze vaak een cruciale rol gespeeld in de (door-)ontwikkeling van het offroad biken.

En ook al is het drietal niet meer betrokken bij WTB, de pioniersgeest heeft het merk nooit verlaten. Zo waren zij niet de beroerdste om als eerste een 29” band te ontwikkelen, toen Gary Fisher aanklopten met het doldwaze idee om een mountainbike met grotere wielen te maken. Datzelfde trucje deden ze toen een select gezelschap Amerikaanse framebouwers begon om ‘monstercrossers’ te maken. Een kruising tussen een mountainbike en racefiets. Ja, in feite dé voorloper van wat nu het hele gravelgenre is geworden.

Grove ‘semi-slick’ gravelband

Als geen ander weten ze bij WTB dus perfect dat er niet één universele oplossing is voor de diverse toepassingen van een tweewieler. Ze ontwikkelen daarom nog altijd een breed scala aan banden. Voor gravelbikes gaat dat van nagenoeg gladde exemplaren zoals de Horizon en Byway tot grof genopten zoals de Resolute en Crosswolf.

De Raddler gravelband zit ergens tussen deze extremen in. Het patroon bestaat uit compacte noppen in het midden met grote exemplaren op de schouders. En ook al zit dit profiel dus ergens tussen de extremen van het aanbod van WTB in, voor een gravelband is-ie wat  mij betreft toch al behoorlijk grof.

De Raddler is er alleen in de diameter 700c, waarbij je de keuze hebt uit een breedte van 44 of 40 mm. In alle gevallen zijn ze tubeless-ready (TSC, noemt WTB dat) en hebben ze een profiel dat uit twee hardheden bestaan. ‘Dual DNA’ noemt WTB deze rubbersamenstelling, waarbij het midden van het loopvlak meer slijtvast rubber heeft. De schoudernoppen zijn bewust van zachter rubber gemaakt voor optimale tractie tijdens het sturen. De tanwall-versie die ik hier in de test heb, heeft een karkas met 60 tpi. In beide breedtes zijn er ook 120 tpi-karkasversies, die een extra SG2 antileklaag hebben. Die zouden eveneens ook meer luchtdicht. Merk overigens op dat die SG2-versies er alleen met zwarte zijkanten zijn.

Noppen

De Raddler heeft in het midden compacte noppen. Op de schouder zijn de noppen beduidend groter.

Specificaties

De WTB Raddler is er alleen in 700c, waarbij je kunt kiezen tussen 40 en 44 mm breedte. In beide gevallen heb je nog eens drie varianten, waarbij er steeds maar één tanwall-variant is. De rest heeft gewoon zwarte zijkanten.

WTB Raddler Specificaties

Website fabrikant: www.wtb.com

Raddler 700c x 40 mm TCS Light

Ik monteerde een setje 700 x 40c Raddler’s op de Enve AG25 wielset. Dat ging echter niet bepaald vanzelf. WTB banden staan bekend om een strakke passing en de Raddler’s zijn daarop géén uitzondering. Eenmaal rond de velg waren ze na de toevoeging van 100 ml vloeibaar dichtmiddel wel snel en goed luchtdicht. Na een avondje op 3 bar, laten ze nauwelijks druk ontsnappen. Ik hoef voor elke rit telkens maar 0,1 tot 0,2 bar maximaal bij te pompen om ze terug op mijn ‘bedrijfsdruk’ van 2 bar te krijgen (ter referentie: ik weeg 66 kg).

Voor 40c exemplaren zijn de WTB Raddler gravelbanden wel een tikkie mager. De velgen van de Enve AG25 wielset meten intern 25 mm. Met de band op 3 bar meet ik het karkas net 38 mm en de schuifmaat geeft 39,5 mm aan wanneer ik over de schoudernoppen meet. En nu we toch over getallen praten: WTB claimt een gewicht van 490 gram. Op mijn weegschaal wegen ze 482 gram per stuk.

Ik ging met de Raddler in de afmeting 700 x 40c op pad, voorzien TCS Light karkas.

Verbazend lichtlopend

Eerlijk is eerlijk; de WTB Raddler banden had ik al enige tijd in huis. Nog voor de vorige zomer kreeg ik ze opgestuurd, maar bij het zien van het profiel dacht ik: ‘Die lopen ongetwijfeld zwaar en de relatief grove noppen komen pas echt tot hun recht wanneer het nat is.’ Ik monteerde ze dan ook pas deze winter toen het buiten meer en meer een drassige bende werd.

Maar al snel werd me duidelijk dat mijn vooringenomen standpunt over het profiel onterecht was. Niet zo zeer qua grip, daarover later meer, maar vooral wat dat ‘zwaar lopen’ betreft. Want dat doen ze ab-so-luut niet. Met slechts 2 bar in voor- en achterband tijdens eerste rit, twijfelde ik aan de correctheid van de drukmeter op mijn pomp. Maar die is niet stuk én is weldegelijk nauwkeurig. Toch rolden ze zo licht dat ik dacht dat ik ze kneiterhard had opgepompt.

Niets was minder waar, want op de eerste de beste kasseienstrook merkte ik ook een souplesse op die dat weersprak. En ook dat is wel opvallend, want WTB past bij deze versie van de Raddler gravelbanden ‘slechts’ een 60 tpi karkas toe. Normaal zijn soepele banden juist de banden met een fijn geweven karkas. Toegegeven; er zijn soepelere banden op de markt, maar stug zijn deze Raddler’s geenszins. Dat komt mede door het ontbreken van een protectiestrip onder het loopvlak.

WTB Raddler op gravel

Ik heb geen testlab om nauwkeurig de rolweerstand van een band te meten. Kwantificeren van de rolweerstand kan ik in deze dus ook niet. Uiteraard loopt een band met fijner gesneden profiel in de regel nóg lichter. Maar ik vond het opvallend hoe ik op asfalt en gravel eigenlijk geen merkbaar groot verschil leek te ervaren met bijvoorbeeld de Schwalbe G-One Allround 700 x 40c banden die ik parallel op een andere bike gebruik.

Opvallend is ook dat het stuurgedrag prettig is. Oók op asfalt. Want bij het insturen en dus kantelen van de band voel ik géén overgang tussen de kleine noppen in het midden en de grove schoudernoppen.

De schoudernoppen op de Raddler merk je nauwelijks op bij het insturen

De schoudernoppen zijn welliswaar grof, maar de positionering is dusdanig dat ik de overgang tussen de kleine noppen in het midden en de schoudernoppen bij het insturen niet echt opmerkte.

Verbazend veel grip

Met de verbazing van het relatief lichte lopen op de weg naar een zanderig mountainbikerondje in het achterhoofd, verbaasde de Raddler’s me daar aangekomen nóg eens. Want als een band met zo’n profiel licht loopt, kan het haast niet anders dan dat het rubber stug en hard is. Maar zowel over natte boomwortels, sompige slootkanten en mul zand geven de Raddler’s heel veel vertrouwen. Zoveel dat ik er de snelheid flink in kan houden. Ik combineer vaak karrensporen, gravelstroken én mountainbikeroutes in mijn ‘gravelritjes’. En van die mountainbikeparcoursen weet ik behoorlijk goed hoe hard ik er kan… op een mountainbike. En dat is in de regel, juist dankzij méér volumineus rubber op nóg lagere druk, toch altijd wel wat harder dan op de gravelbike.

Met de Raddler banden reed ik al snel op dezelfde kruissnelheid en met dezelfde finesse van een moker (of te wel: ‘lompheid’) door de meest technische secties van het mountainbikeparcours, zoals ik normaal op mijn XC hardtail of zelfs fully doe. Tot dan toe was me dat bij geen enkele ‘gravelrit’ gelukt en dat wijd ik geheel aan de WTB Raddler gravelbanden. Naast voorspelbaar en vooral absoluut beschouwd véél grip, is de band op de 25 mm brede velgen zelfs bij 2 bar gewoon stabiel. Het zijn daarmee wat mij betreft dé banden voor de gravelbiker die – net als ik – moeite heeft om de mountainbiker in zich te temperen bij zijn ‘gravelritjes’.

WTB Raddler in de modder

Baggeren… daarin zijn de Raddler’s érg goed. De compacte noppen én de rubbersamenstelling zijn overigens behoorlijk goed lossend.

Te mooi om waar te zijn?

De gravelbike is nauwelijks in een hokje te duwen; je kan er veel mee en veel van die potentie is één-op-één een voortvloeisel uit het schoeisel. Elke keuze, of dat nu over de geometrie of banden gaat is per definitie een compromis. Bij banden gaat het dan altijd over rolweerstand versus grip. Veel grip offroad betekent in de regel dat je nogal inlevert op de het gemak waarmee je snelheid maakt op verharde ondergrond.

Nee, deze Raddler gravelband rolt niet zo licht als een échte slick met een fijn gesneden profiel. Maar voor een gravelband met zóveel grip offroad, loopt-ie uitzonderlijk soepel op harde ondergrond. Dat klinkt haast té mooi om waar te zijn. En als iets té mooi lijkt te zijn, dan… Enfin; dat gezegde is er niet voor niets.

Toch heb ik nog geen mitsen of maren ontdekt. Het enige wat er in me opkomt is het ontbreken van de antilek-strook die je bij de 120 tpi versies wél hebt. Daardoor is-ie soepel, maar mogelijk rij je er sneller mee lek op écht scherp spul. Ik zeg bewust ‘mogelijk’, want tot dusver – en nu klop ik af op hout – heb ik dat nog niet kunnen vaststellen op de puin-, gravel-, en zandpaden rondom huis. En zolang ze me daarin niet het tegendeel bewijzen, geeft WTB met de Raddler mij de indruk dat de keuze tussen grip en rolweerstand een beduidend minder groot compromis hoeft zijn.

De Raddler is wat mij betreft een erg goede keuze voor de gravelbiker die de grenzen van het rijdbare graag opzoekt. En dat bij voorkeur mét grip en dus controle, maar zonder verlies van snelheid op de beter lopende stroken.

Tekst & foto’s: Jeroen van den Brand

Geplaatst in Reviews en getagd met , , , , .
guest
0 Comments
Inline Feedbacks
View all comments