Getest: Cane Creek DBCoil IL achterdemper

Toegeven aan ‘coil-curiousity’

Veruit de meeste full-suspension fietsen hebben een achterdemper met een luchtveer. Begrijpelijk; die zijn licht én gemakkelijk aan te passen aan rijdersgewicht.

Toch zijn dempers met schroefveren nooit helemaal verdwenen. Sterker nog: ze maken een comeback. Oók met goede redenen. Toine is naar eigen zeggen sinds enige tijd coil-curious en wilde dit zelf eens ondervinden. We stuurden hem op pad met de DBCoil IL van Cane Creek.

Vorig jaar gingen Eric en ik aan de haal met de prachtige Helm vork van Cane Creek. Waar de meesten het merk misschien kennen van hun balhoofdsets, staan ze al jaren bij mij op de radar vanwege hun Double Barrel achterdempers. Ik vind het wel gedurfd om als relatief kleine speler dergelijk complexe dempers te ontwikkelen. En nadat ik me jaren lang alleen bezig hield met luchtgeveerde vorken en dempers verschoof mijn interesse naar achterdempers met schroefveren. Ja, ik werd coil-curious.

Waarom een schroefveer?

Want hoewel luchtgeveerde vorken en dempers de markt domineren omwille van hun instelbaarheid, zijn er ook genoeg redenen om een veringselement met een schroefveer te willen. Ten eerste: een demper met schroefveer mist de meerder grote seals van de luchtkamer. Dit scheelt een hoop wrijving! Een schroefveer spreekt daarom in het begin van de veerweg beduidend soepeler aan. Ten tweede: een demper met schroefveer heeft veel minder last van opwarming. Tijdens een lange, ruwe afdaling geeft een luchtdemper veel meer warmte door aan dempingsolie én de lucht vanbinnen. Het resultaat: een stijvere (lucht)veer én minder demping! Tot slot: een schroefveer heeft rondom het sagpunt doorgaans een hogere stijfheid dan een luchtveer. Je fiets voelt hierdoor — ondanks dat ‘ie beter aanspreekt — alsnog stabieler aan. Alles bij elkaar vertaalt dit zich naar een systeem dat méér tractie en controle geeft.

Cane Creek dempers staan bekend om hun veelvoud aan instelmogelijkheden. En daarom kon de DBCoil van het merk dan ook bovengemiddelde interesse van mij rekenen. We kozen de Inline (IL) variant. Dit is de meest compacte bouwvorm van een demper met een spiraalveer die het merk aanbiedt. Bij veel dempers in dit segment hangt een deel van het dempingscircuit buitenboord in een ‘piggy bag’. Niet zo bij deze DBCoil Inline; hier zit alles in de centrale body van de demper, ‘in één lijn’ dus.

Specificaties en prijzen

  • Cane Creek DB Inline: € 459,99
  • Veren:
    • Valt Leightweight: € 69,99
    • Valt Progressive: € 119,99

Gewicht in onze setup: 668 gram (200 mm x 57 mm demperlengte, inclusief 550 lbs/in veer en montage hardware)

Veerkeuze

Bij een luchtgeveerde achterdemper koppel je simpelweg een demperpomp aan om hem af te stemmen op je gewicht. Bij een demper met een schroefveer gaat dat niet zo eenvoudig. Elke demperfabrikant heeft een aantal verschillende veerstijfheden in het assortiment – en dan zijn er nog aftermarket opties. Aan jou de keuze de juiste te selecteren… Al is dat nog niet zo eenvoudig. Zaken die meespelen zijn onder meer je eigen gewicht, je rijstijl, waar je rijdt, en het soort terrein dat je opzoekt. Bovendien moet je het samenspel van de veerkarakteristiek en het veersysteem enigszins doorgronden. Sommige veersystemen zijn lineair, andere juist heel progressief. Sommige frames zijn zelfs dermate specifiek op een luchtveer afgestemd, dat je je af moeten vragen óf je wel een schroefveer móet willen. Het netto effect van veersysteem + schroefveerdemper hoeft niet per se positief uit te pakken, namelijk. Meer specifiek: enige mate van progressie, dan wel uit je veer, dan wel uit je veersysteem, heb je nodig om keiharde bottom outs te voorkomen.

Cane Creek DBIline Coil

Online tools

Het makkelijkste beginpunt is een (online) calculator waar je veel van de genoemde variabelen gewoon in kan voeren. In mijn geval wordt de demper gemonteerd in een Giant Reign Advanced uit 2015. En door de Cane Creek spring calculator te gebruiken kom ik voor mijn gewicht en de Reigns hefboomverhouding op een 550 lbs/in schroefveer uit. De calculator van Fox en die van TF Tuned geven me het advies van respectievelijk 500 en 600 lbs/in.

* Toelichting
Zowat alle (online) calculatoren voor veerstijfheid gaan uit van de gemiddelde hefboomverhouding van je frame. Simpelweg: veerweg gemeten bij het wiel / veerweg gemeten op de demper. Hier klopt natuurlijk geen snars van! Tenzij je een Orange single-pivot frame hebt, verandert de hefboom over de loop van de veerweg. De veerstijfheid die uit een calculator komt is daarom slecht vooral een goed beginpunt. Wil je je fiets zo snel mogelijk écht 100% hebben: bestel dan maar twee veerstijfheden. Zit je niet te wachten op het wisselen van dure schroefveren? Probeer dan eerst wat te lenen voor je bestelt!

Cane Creek Vault veren zijn er in twee smaken: normale (lineaire) in ‘t zwart, of progressieve, met een witte coating voor de duidelijkheid

Mijn keuze

Bij Cane Creek heb je keuze uit drie verschillende soorten schroefveren: Standard, Valt en Progressive Valt. De standaard veren zijn niet zo interessant voor deze relatief lichte demper. De Valt veren wel. Die zijn zo’n 25% lichter zijn dan de standaard veren. De Progressive Valt is een recente innovatie, en laat je toe om een schroefveer te monteren op een fiets waarbij de veerkarakteristiek eigenlijk te lineair is.

Om mezelf een beetje in te dekken heb ik voor twee Valt-veren gekozen: 500 en 550 lbs/in. Zo’n stijve veer weegt meer dan een zwakke veer. Met de schroefveer gemonteerd weegt het geheel 668 gram, wat ‘slechts’ 274 gram zwaarder is dan mijn oude luchtdemper, een RockShox Monarch Plus. Dit klinkt als een flinke gewichttoename, maar als je je realiseert dat andere schroefveerdempers met vergelijkbare stijve veer al snel bijna een kilogram wegen, dan valt dat niet tegen!

Cane Creek DBIline Coil

Montage en basissettings

De ingetogen kartonnen doos waarin de demper geleverd wordt, geeft een heerlijk simplistische indruk. “Mount your shock, Set your Sag, Ride your bike” staat er in grote letters op, eenvoudiger dan dat wordt het eigenlijk niet… toch? Nou ja, eerst moet de schroefveer gemonteerd worden. De procedure spreekt voor zich: je haalt namelijk de veerhouder van de demperstang af, je schuift de schroefveer erop en je plaatst de veerhouder terug. Vervolgens draai je de voorspanningsring aan* zodat de veer niet meer los zit. Na het monteren op de fiets gebruik je de voorspanningsring om je sag af te stellen. Ik ben echter gewend om dit zelf te doen met het o-ringetje op een normale luchtgeveerde demper, maar die mis ik nu. Je kan de bottom-out bumper wel naar beneden schuiven om na het gebruikelijke balanceerwerk te kijken hoe ver deze bewogen is, maar het is toch een gepriegel met je vingers tussen die schroefveer. Een extra set handen en ogen is dan een stuk praktischer.

* Toelichting
De voorspanningsring kan je niet oneindig aan blijven draaien om met een zwakkere veer toch op de juiste sag uit te komen. Als je namelijk te veel voorspanning op de veer zet zal deze met hoge kracht tegen de eindstop aankomen bij ontspanning. En zal de rit bovendien een stuk ruwer worden. Over het algemeen wordt geadviseerd om niet meer dan 6 volledige rotaties voorspanning aan te brengen. Verder is het ook mogelijk om te weinig voorspanning op de veer te zetten, waardoor deze los gaat trillen. En dat wil je óók niet.

4-voudige demperverstelling

De DBCoil IL heeft een 4-voudig verstelbaar dempingscircuit. Zowel de high als low speed compressie én rebound zijn te verstellen. Dat gebeurt echter niet met hendels of draaiknoppen, maar met een 3 mm inbussleutel. Er is echter wél een hendel te vinden op de demper; de Climb Switch. Maar daar kom ik later op terug.

Alle instellingen zijn te vinden aan één kant van de demper en zijn duidelijk met laser-gegraveerde belettering gemarkeerd. Met de twee buitenste goudkleurige verstellers verstel je de high-speed rebound en compressie. In het midden verstel je de low speed rebound en compressie demping, waarbij de verstelling voor de low speed compressie zich dus ook in het midden van de Climb Switch bevindt.

Voor al deze settings is een breed bereik beschikbaar, om zodoende met allerlei verschillende achterveersystemen te kunnen werken. Want het ene systeem heeft bijvoorbeeld een hefboomverhouding van 2:1 terwijl een ander het met 3,5:1 doet. In beide gevallen is de uitwerking op het dempingscircuit anders. Toch wil je voldoende — en vooral fijngevoelig — invloed kunnen uitoefenen. Om dit te testen heb ik ook de uiterste bereiken uitgeprobeerd. Ik kan je met zekerheid zeggen dat het bereik groot genoeg is voor een enorme variatie aan gebruikers, zonder dat de demping voelt alsof hij op lockout staat. Voor mij staan de verstellers nu op ongeveer de helft van de maximale waarden.

There’s an app for that

Om giswerk tot een minimum te beperken en een goed vertrekpunt te geven, geeft Cane Creek advies voor een basissetting via hun Dialed app. Voor de meeste fietsen hebben ze wel een set van basissettings beschikbaar. Van daar uit kun je aan de slag met fine-tuning naar wens.

Cane Creek DBIline CoilEen beginpunt voor je instellingen is de Dialed app

Eerste indrukken

Een demper met een schroefveer zou fijngevoeliger aanspreken… En eenmaal op de fiets gestapt is het cliché waar: het voelt meteen aan alsof je op een wolk rijdt. De vering lijkt zelfs nergens echt tot stilstand te komen. Dit voelt ongelooflijk zacht maar kan ook de indruk geven dat het inefficiënt is. Met mijn originele Rockshox Monarch Plus demper kon ik altijd op mijn gemakje omhoog trappen met de compressiedemper in de geopende stand, zonder dat er veel beweging in de vering te herkennen was. Dat is bij de DBCoil niet meer het geval.

De originele luchtveer heeft aardig wat rubberen afdichtingen… mét de bijkomende wrijving. Maar is dat het enige dat al die beweging tegenging? Het klinkt onwaarschijnlijk, maar als ik er over nadenk is er bij deze demper maar één rubberen afdichting van slechts 10 mm doorsnede aanwezig. Als ik even snel optel hoeveel centimeters afdichting in bijvoorbeeld mijn oude Monarch demper zitten, dan kom ik op een tienvoudige(!) hoeveelheid rubber die bij elke beweging over een metalen oppervlak glijdt.

Tune it up!

Tijdens mijn eerste ritten merk ik dat bij het rustige fietsen over het vlakke en klimmen er nog steeds veel beweging aanwezig is. En dat de achtervering vrij hoog in zijn veerweg lijkt te blijven, ook wanneer het steiler wordt en er dus meer gewicht op de achtervering komt te staan. Met een kleine verhoging van de LSR (Low Speed Rebound) en LSC (Low Speed Compression) is dit verleden tijd. Bij ruwere klimmen voelt het zelfs efficiënter.

Om net wat meer tegendruk te hebben bij het nemen van kuipbochten op hoge snelheid heb ik tot slot de HSC (High Speed Compressie) nog iets verhoogd. Ook bij het afzetten voor een sprong werkte dit net wat fijner.

Climb Switch

Ik noemde al even kort de Climb Switch. Als je nu denkt ‘ja, leuk een lockout’, dan is mijn antwoord ‘nee, dat komt niet in de buurt!’. De Climb Switch werkt namelijk anders dan simpelweg het dichtzetten van de compressiedemping. Om dat toe te lichten neem ik je even mee (in gedachte) naar een drooggevallen rivierbedding in de Belgische Ardennen. Je moet door een keienveld navigeren, en elke steen die je met je banden raakt lijkt nét om te willen rollen. Op dat moment is het onhandig als je fiets voor- en achterwaarts wiegt door de ongelooflijk soepele vering. Maar met geblokkeerde veringselementen is het lastig tractie te behouden.

Wat je eigenlijk wilt is vering die beter om weet te gaan met deze relatief trage bewegingen. En daarbij gewoonweg meer tegendruk geeft. Oftewel: wél bewegen om tractie aan het achterwiel te behouden, maar met voldoende tegendruk zodat het geen pogo-stick wordt. Maar dat bereik je niet door alleen de low speed compressie deels (als niet-harde lockout) dicht te zetten. Dat is wat er in menig platform-achtige circuits gebeurt. Want zodra de demper dan toch ingeveerd is, veert ‘ie met een redelijke vaart ook weer uit. En dan moet je alsnog redelijk wat body language gebruiken om de bike onder controle te houden. De Climb Switch gaat daarom verder. Die regelt niet alleen de low speed compressie, maar óók de low speed rebound. De hele beweging wordt dus afgestemd op dit soort specifieke veringsbeweging met een lage frequentie. En dat maakt ook dat deze optie ook technisch klimmen een stuk fijner maakt dan menig lockout of platform demper. Je hebt gewoon méér tractie en haalt zodoende meer rendement uit je klimvermogen.

Alle instellingen zijn éénmaal gemonteerd nog steeds goed bereikbaar – uiteraard is dit nog het meest belangrijk voor de Climb Switch, mocht je die onderweg willen gebruiken. En dat wíl je, want die is echt erg goed.

Staal versus lucht

Goed, de vering beweegt dus soepel en de demping is zeer nauwkeurig af te stellen voor verschillende gebruikers en situaties. De gewichtstoename is minimaal en de klimstand is beduidend beter dan die van andere dempers. Hoe vergelijkt het dan verder met een traditionele luchtgeveerde demper zoals mijn Monarch Plus RC3?

Ik had eerlijk gezegd verwacht dat het vooral in bikeparks een wereld van verschil zou zijn door de vele remkuilen die je daar vindt, maar dat viel eigenlijk wel mee. De ‘scherpte’ van de klappen is misschien iets minder en de grip in ruwe bochten lijkt inderdaad wat beter, maar je zal alle oneffenheden zeker wel duidelijk voelen. Het werd dus niet opeens zo glad als een biljartlaken, en het liet me ook niet echt met heel veel meer snelheid door rockgardens rijden, want vooral die grotere klappen lijken ze toch redelijk gelijksoortig op te vangen. Ik durf zelfs te zeggen dat ik bij bepaalde sprongen wat meer afzet miste, waarschijnlijk door het minder progressieve karakter van een schroefveer, waardoor je net wat meer moeite moest doen met je benen om dat te compenseren.

Als je daarentegen weer eens op een natuurlijke trail afdaalt, en je je benen kan strekken met je hakken naar beneden om de vering het werk te laten doen, dan merk je eigenlijk opeens het verschil! Al de kleinere stenen en wortels verdwijnen bijna, en je kan de gemiddelde bocht aanpakken alsof je met een racefiets over asfalt rijdt!

Houston, we have had a problem…

Met zo’n schroefveer in je fiets heb je al snel het gevoel dat hij onverwoestbaar is, het is immers geen bus samengeperste lucht die met vele centimeters rubberen afdichtingen in elkaar moet blijven zitten in ruwe vuile omstandigheden. Toch heb ik het voor elkaar gekregen om twee vervangende dempers te ontvangen van importeur Cosmic Sports. Het eerste defect trad op tijdens een bezoek aan Bikepark Winterberg. Na het experimenteren met de hoeveelheid voorspanning merkte ik dat de kop van de demper gedraaid was. Zelfs zo ver dat hij mijn frame raakte. Gelukkig was de schade aan mijn frame vooral cosmetisch. De kop wilde niet meer vastgedraaid blijven, en moest hij dus terug naar Cosmic Sports voor reparatie. De gerepareerde demper hield het alleen ook niet lang vol; na een testrit en een weekje in opslag deponeerde deze door een gescheurd binnenwerk zijn volledige inhoud aan olie op mijn garagevloer. Gelukkig heeft het vervangende exemplaar het daarna nooit meer laten afweten.

Een incontinente demper… Dat is niet wat je wil. Dit maandagochtendexemplaar ging terug naar de importeur. De vervanger heeft inmiddels heel wat hoogtemeters afgelegd zonder ook maar enig probleem.

Conclusies

Het rijden met een schroefveer achterdemper is een interessante ervaring. De soepelheid over kleine oneffenheden is onovertroffen in vergelijking met een traditionele luchtgeveerde demper. De DBCoil IL is daarin een bijzonder exemplaar, vanwege zijn lage gewicht én de veelvoud aan verstelling én de breedte van die verstelbaarheid. De aanloopproblemen met het loskomen van de kop en uiteindelijk gescheurde binnenwerk temperde aanvankelijk mijn enthousiasme. Na inmiddels behoorlijk veel hoogtemeters met een vervangend exemplaar te hebben afgelegd, doe ik het af als een maandagochtendexemplaar. Want met het vervangende exemplaar had ik geen enkel probleem.

Ten opzichte van de twee grote concurrenten RockShox en Fox doet de DBCoil IL absoluut niet onder qua fijngevoeligheid en instelbaarheid. Hij streeft ze misschien zelfs wel voorbij. En in veel gevallen is ‘ie zelfs lichter. Tot slot is de Climb Switch in mijn optiek absoluut next level voor wat betreft efficiënt klimmen met veel veerweg, en alleen daarom al het overwegen waard!

Meer info: canecreek.com
Distributie: cosmicsports.com

Tekst & foto’s: Toine Overbeek

Geplaatst in Reviews en getagd met , , , , .
guest
0 Comments
Inline Feedbacks
View all comments