Enduroc Canyon a.k.a. de Roc d’Azur enduro

In de klim naar de start kom ik Pierre tegen en die zegt ‘waarschijnlijk opstellen op nummer’, dus ik rij een beetje door, want ik heb een vrij laag stuurbordnummer en het tijdstip dat we aanwezig moeten zijn nadert. Pierre ‘Pino’ is een multidisciplinaire Nederlandse fietser die al enduro’s in Frankrijk reed toen wij met z’n allen nog dachten dat het woord iets met langdurig motorcrossen te maken had. Die zal het weten. Mijn klimtempo is stevig, want ik vind het wel prettig om goed opgewarmd aan de start te staan. Bovendien ben ik vrij fit, heb dankzij mijn XC achtergrond geen hekel aan klimmen en dat ga ik ook niet faken om beter in de scene te passen.

De klim leidt naar de eerste special, getimed stuk parcours, van de Enduroc Canyon. Mocht de Roc d’Azur nog introductie behoeven, zie het verslag van onze man die als journalist rondtoerde. Voor mij geen toeren maar koers. De enduro bestaat uit 5 specials, aan elkaar geregen via liaisons, oftewel verbindingroutes.

Wait for it… wait for it a bit more…
Steil pad rechts de berg op, beetje fietsen tussen de lopende mensen door, beetje lopen waar het niet anders kan en ik ben bij de start. Ruim op tijd, dus ik zoek maar rustig een plekje hogerop de heuveltop, uit de wind en in de zon. Ondertussen stroomt het bij de start vol en tegen de tijd dat ik mijn helm en de rest van de bescherming heb aangetrokken, staan we met alle deelnemers in een rij klaar op een rotspad. Starten op nummer? Nope, foute aanname. Mijn plek in de rij is behoorlijk achteraan en voordringen is inmiddels aso geworden, want iedereen staat te wachten op zijn eigen start.

Ik kan er een beetje langs kijken en zie Fab Barel en Joe Barnes vol sprintend wegvlammen op een pad waarvan ik toch echt dacht dat er na 5 meter een bocht ligt. Voor me staan een man of 10 in dezelfde kleding. Gemiddelde leeftijd: 60. Geweldig, die Fransen! Niet van dat bange, gewoon goed inpakken, degelijke fiets onder je kont en laten wapperen in de rijwind, die grijze haren. Ik ga er vanuit dat ieder van deze Fransen net zo kan downhillen als dat dezelfde leeftijdscategorie op de wegen van de Cote d’Azur kan wielrennen. Hard, omdat ze het dagelijks doen, want het is er altijd goed weer en alle tijd van de wereld lijkt naar de Franse zuidkust te zijn gegaan.

Foute aanname. Tot overmaat van ramp besluit de organisatie om de 10 seconden te starten, want ze realiseren zich het volgende. Special 2 start op dezelfde plek, maar gaat in een andere richting dezelfde heuveltop af. De liaison is weliswaar lang, maar 300 man om de 30 seconden laten starten duurt langer. Als ze niet opschieten, staan zometeen de starters voor special 2 door de laatsten voor special 1 heen.

Het gevolg van dit alles laat zich raden:

Wat je ziet zijn de inhaalacties van grofweg de eerste kilometer van de stage. Weet iemand een uitroep die in Frankrijk beter werkt dan ‘Passer à gauche/à droite, s’il vous plaît’? Misschien horen ze me niet goed, vanwege de full face helmen, of staan de gehoor apparaatjes te zacht? Het is enduro, dus dit is all in the game. Een vlekkeloze enduro is zo zeldzaam als een albino zebra. Heb je er één, dan is dat mijn inziens reden om al je vrienden en natuurlijk de voltallige Velozine crew uit te nodigen voor een feestje. Dat mag ook als je zo’n zebra hebt, maar dan maken we er een barbeque van.

Feit is, iedereen heeft wel eens gedoe met achterblijvers, niemand rijdt foutloos en als je materiaal niet hapert, is er wel een onduidelijke routemarkering. De kunst is om er niet stil bij te blijven staan, want dat hindert je focus op wat nog komt enorm. Niet dat het pad me toelaat om focus te verliezen… Gelukkig komt het met de drukte na de eerste special helemaal goed. Het veld ligt door de liaisons met veel klimwerk volledig uit elkaar en enigszins op volgorde van snelheid gesorteerd. Verder zijn de starts om de 30 seconden, dus is inhalen of ingehaald worden een zeldzaamheid.

Exclusieve trails
Dat is maar goed ook, want wat volgt is een selectie van de mooiste trails die het Massif des Maures te bieden heeft. Vorig jaar waren de enduro paden ook onderdeel van het parcours van onder andere de Roc Marathon en de Roc d’Azur XC. Dit jaar heeft de enduro, op een deel van special 1 na, zijn eigen paden. Wat hiervoor de overwegingen zijn geweest, weet ik niet, maar een aantal compromissen vallen hierdoor weg. De hoeveelheid rijders is bij de enduro klein vergeleken met de andere evenementen, dat scheelt erosie en dus kan je paden gebruiken die je heel wil houden. Ook kan de moeilijkheidsgraad omhoog, maar daar moet bij gezegd worden dat de Roc d’Azur daar bij de XC parcoursen nauwelijks een limiet op zet. Verder kon de organisatie ongelimiteerd singletracks kiezen van een lengte die bij massastarts tot bottlenecks zou leiden.

Wat voor een singletracks… Waar vorig jaar de Roc d’Azur enduro vanaf de Col de Valingarde richting kust ging, is dat nu beperkt tot de eerste special. De rest van de specials ligt op naar het noorden gerichte hellingen. Die zijn wat meer begroeid en hebben daardoor wat meer bosgrond tussen de rotsen. De trails hebben een afwisseling die ik zelden zag. Dan weer lage snelheid ’trialen’ over rotsen, dan weer hoge snelheid, steil, bochtig, off camber, drops, breed, smal, losse stenen, vaste bosgrond, de variatie houdt niet op. De laatste stage eindigt in het dorp en bevat straat, trappen en een paar houten schansen. Het uitzicht, vooral opgevallen tijdens het narijden van de route en het kijken van videomateriaal, liegt er ook niet om. Eerst de zee en de groene kant van het Massif des Maures, later de hogere bergen in het binnenland en de roodbruine rotsen van het plaatsje Roquebrune dat er zijn naam aan dankt. Verder rij je langs en onder 2 Romeinse aquaducten.

Oordeel zelf:

1 + 1 = 1
Vooraf ging ik er vanuit dat de enduro op donderdag en de marathon op vrijdag prima samen gaan. Foute aanname, want het was voor mij geen goed huwelijk. Een enduro is behoorlijk vermoeiend, want je bent een groot deel van de dag bezig. De vermoeidheid van de mini-sprintjes tijdens de specials stapelt zich op en de hellingsgraad en ondergrond van de Enduroc liaisons lieten geen rustig klimtempo toe. Ik vind marathons het leukste als ik fris ben, want dan fiets ik in het offensief in plaats van het defensief. De marathon liet ik hierom schieten, want wat is er nou mooier om na je wedstrijd te kunnen ontspannen en nagenieten van wat je beleefd hebt? Was ik in de marathon gestart, dan was daarvan de voorbereiding begonnen zodra ik thuis was van de enduro. Eten, drinken, spullen klaarleggen, mijn fiets prepareren en het ergste: mijn wekker zetten om 5:30u. Daar kan geen koffie tegenop.

Dat was nog tot daaraan toe, maar achteraf was de inschrijving op de marathon ook een compromis met de voorbereiding van de enduro. Zo fris mogelijk blijven, betekent vroeg in de week verkennen. Op dat moment waren de enduro specials nog niet uitgezet en konden we niet anders dan aannemen dat dezelfde trails werden gebruikt als andere jaren. Foute … juist. Het gevolg was het ‘blind’ rijden van alle specials behalve de eerste. Dat is een enorm nadeel, want 1x proefrijden is genoeg om de belangrijkste moeilijke secties te herinneren en er zit een aanvliegroute voor in je hoofd. Ook weet je waar je je fiets kan laten lopen en waar je in de remmen moet. Verder weet je (ja, hier spreekt de ex-XC racer) hoe lang meetrap stukken duren, zodat je daar maximaal je vermogen op kan verdelen. Kortom: het levert je heel veel tijd op en behoedt je voor fouten. De principiële enduro discussie ‘verkennen of niet verkennen’, wil ik hier niet voeren. Beide vormen hebben hun charmes. Als het mag, doe je jezelf tekort als je het niet doet.

Toch bleek niet verkennen ook voordelen te hebben. Niet weten wat er komt is spannend en daarom doen we deze sport, toch? Je anticipatievermogen staat maximaal op scherp en er is geen vrees voor wat er komt, want dat weet je immers niet. Het risico ontbreekt dat je teveel focust op het goed uitvoeren van een vooraf bedacht plan, waardoor het juist fout gaat. Het andere voordeel van niet verkennen, heb je in de video kunnen zien: ik was anders nooit zo hard tussen 2 boompjes door gereden, waar mijn stuur niet tussen past. Door het oog van de naald.

Beloftes
De Enduroc Canyon is een wedstrijd met schitterend parcours in een prachtig evenement. Het is op een enkel missertje na uitstekend georganiseerd en de Fransen weten wat mountainbiken moet inhouden. Een aanrader wat mij betreft. Ookal heb je nog niet zoveel ervaring, laat je niet intimideren. Het evenement is weliswaar een grote naam, maar de enduro is vrij laagdrempelig. Uiteraard zijn de specials lastig, maar qua moeilijkheidsgraad nog een stapje onder Enduro World Series manches zoals Finale Ligure. Ik kom hier in ieder geval zeker terug, al was het maar om mijn 51e plek te verbeteren met de geleerde lessen.

Daar hoort ook een geschiktere fiets bij. In het voorstelrondje van mijn Devinci Atlas Carbon beloofde ik de ervaring met deze fiets in ‘enduro modus’. Helaas, de bestelde 140 milimeter vork was te laat binnen, dus ik moest het met 120 doen. Dat ging prima, maar inmiddels weet ik beter: ik kom hier terug met een dikkere vork, want daar ben ik sneller mee.

Ohja, en geen aannames meer en een dag tussen de enduro en de marathon. Dat zou fijn zijn.

Tekst & film: Jeroen Kooij

Kijk ook op Enduro Tribe voor een paar fraaie foto’s inclusief een zeer vage ondergetekende.
(Klik ‘Page suivante’ om voorbij de reclame te komen)

Geplaatst in Specials en getagd met .
Tags:
3 Comments
oudste
nieuwste populairste
Inline Feedbacks
View all comments
Dennis
Editor
Dennis
8 jaren geleden

Tip voor volgende keer. Camelbak afdoen, of iig het slangetje. En je helmstrap afknippen. Moet wel een flink heftige track zijn, het lijkt net alsof er niks aan vering op die Devinci zit :)

JeroenK
JeroenK
8 jaren geleden
Reply to  Dennis

Strap van de tas en Camelbak mondstuk waren direct na het opnemen van deze beelden al gesommeerd om uit beeld te blijven… maar bedankt voor de tip!

Lars
Editor
Lars
8 jaren geleden

Die muziek :-)

Mooie impressie!