Special | Waar werd Sebastiaan blij van in 2025?

Waar werd ik blij van in 2025? Ondanks dat we momenteel in een rare wereld leven was er in 2025 nog genoeg om van te genieten. Oók op het vlak van fietsen. Slimme nieuwe producten, doordachte bikes, mooie reisbestemmingen. Hieronder mijn selectie blijmakers van 2025.

Radiaalbanden van Schwalbe

Schwalbe introduceerde vorig jaar een nieuw type karkas met een radiale constructie. De Duitse bandenboer brengt verschillende banden voor trail-, enduro- en downhill met zo’n radiaal karkas. Met één daarvan, de Albert, ben ik in 2025 meerdere keren naar de Alpen geweest. Een radiale band vervormt veel makkelijker, waardoor er een groter contactoppervlak ontstaat en dus ook meer grip. Bij de eerste kennismaking werd ik direct al met dit fenomeen geconfronteerd. Het is in eerste instantie een allesbehalve prettige, zelfs bijna beangstigende ervaring.

Maar na het toevoegen wat iets meer lucht dan ik gewend ben, komt de openbaring. Met de juiste luchtdruk biedt de Schwalbe Albert namelijk van alles meer: grip, tractie, controle en comfort. Dat alles maakt dat ik me met de Albert een betere mountainbiker voel dan ik feitelijk ben. En dat is lekker. Alleen de rolweerstand is aan de hoge kant, wat deze band met name geschikt maakt voor trails met lifttoegang of voor e-mountainbikes. Desondanks is de Schwalbe Albert Radial zonder meer een game-changer.

Schwalbe Albert Radial
Grensverleggend goed: de Albert van Schwalbe met radiaal karkas.

Shimano 1×11 Cues met Linkglide

De Cube Nuroad HPA Pro die afgelopen najaar op de redactie langskwam was een openbaring. Want waar je voorheen voor 1.099 euro niet veel soeps in huis haalde, daar slaagt Cube erin een volwaardige gravelbike neer te zetten waaraan je weinig tot niets tekort komt. Zonder de rest van deze gravelbike tekort te doen, werd die positieve indruk voor een belangrijk deel bepaald door de transmissie: Shimano Cues met Linkglide-technologie (test hier). Deze groep verheft een goedkoop instapmodel als de Nuroad HPA naar een niveau dat de prijs van deze fiets ruimschoots overstijgt.

Er is namelijk veel goed aan 11-speed Cues en weinig niet. Natuurlijk, als de weegschaal je leidraad is bij het kopen van een nieuwe gravelfiets zijn er lichtere alternatieven. En ook qua schakelsnelheid zijn de Shimano-groepen met Hyperglide+ superieur. Maar kijk je puur naar de functionaliteit, dan doet Shimano met 11-speed Cues de duurdere 11-speed gravelgroepen uit eigen huis keihard concurrentie aan. Sterker nog: als levensduur je primaire drijfveer is, dan kan 11-speed Cues wel eens een betere keus zijn dan z’n duurdere familieleden. Goedkoop en goed? Dat zie ik graag!

Shimano Cues U6000
Goedkoop en goed? Met 1×11 Cues krijgt Shimano dat voor elkaar.

Superveelzijdige trailbike met TQ-motor

Alhoewel ik jong en fit ben, ben ik niet vies van e-mountainbikes. Door hun ondersteuning voegen ze een extra dimensie toe aan het mountainbiken; ik kan met een e-mtb op plekken komen die met een gewone bike nagenoeg onbereikbaar zijn, tenzij je bereid bent om uren met je bike in je nek te lopen. Maar omdat ik geen 100 newtonmeter en 600 watt nodig heb, hebben lichtgewicht e-mountainbikes hebben m’n voorkeur. Zoals de nieuwe Fuel+ van Trek (test hier), waarmee ik de afgelopen nazomer op pad ben geweest in de Alpen. Deze e-bike is uitgerust met het nieuwste motortje van TQ: de TQ HPR60. Die is licht, supercompact en veel sterker dan je op grond van z’n formaat verwacht.

De accu is daarentegen juist groter dan je bij een e-mtb met TQ-motor verwacht: 580 wattuur. Dat drijft het gewicht (helaas) op tot iets meer dan twintig kilo, maar levert tegelijkertijd een lekker grote actieradius op. Dat alles maakt van de Fuel+ een grandioze trailbike. De ondersteuning van de TQ-motor is weliswaar minder dan die van Bosch en consorten, maar wat voelt dat kleine motortje natuurlijk aan en wat is het stil! Gecombineerd met de uitgebalanceerde rijeigenschappen – zowel omhoog als omlaag – én niet te vergeten de mogelijkheid het chassis grondig te tunen, levert dat een e-mountainbike op die wat mij betreft momenteel z’n weerga niet kent.

Mijn elektrische favoriet van 2025: de Trek Fuel+ met de TQ HPR60-motor.

Platformpedalen voor het leven

Alhoewel er inmiddels een hele krat met pedalen in de werkplaats van Velozine staat – letterlijk – pak ik meestal de Waveform van Wolf Tooth (test hier). Waarom? Omdat ze al sinds april 2023 onopvallend doen wat ze moeten doen: m’n voeten op hun plek houden. Dat klinkt supersimpel, maar in de praktijk is het dat niet. Plus: deze Amerikaanse pedalen blijken over een bovengemiddeld lange levensduur te beschikken. En ook dat is fijn, want ik fiets liever dan dat ik sleutel. Moet je uiteindelijk tóch een onderdeel vervangen, dan heb je voor bijna alles heb je niet meer nodig dan een setje inbussleutels. Alleen het vervangen van het glijlager vraagt om speciaal gereedschap.

Wolf Tooth heeft bovendien álle onderdelen voor de Waveform op voorraad. Ze noemen dat “right to repair“. Daarmee hebben deze pedalen in principe het eeuwige leven. Of toch niet? Het klassieke vraagstuk rond het ‘Schip van Theseus’ dringt zich op. Want net als bij het oorlogsschip van deze antieke Griekse held, kan je je ook bij de Waveform-pedalen afvragen of het nog wel dezelfde pedalen zijn als je na verloop van tijd álle onderdelen hebt vervangen. Of zijn het dan niéuwe pedalen geworden? Daar kan je tijdens de feestdagen lekker over nadenken…

Wolf Tooth Waveform pedalen
Wolf Tooth Waveform: platformpedalen voor de eeuwigheid.

De nieuwe Specialized Diverge

Ik heb dit jaar op een paar hele fijne nieuwe gravelbikes kunnen rijden. De Nuroad C:62 SLX van Cube bijvoorbeeld. Of de eigenzinnige Hobo van Rose, eveneens uit Duitsland. Maar toch ontpopte de nieuwe Diverge van Specialized zich als m’n favoriet (test hier). Het is een gravelfiets waarop je gaat zitten en waar je je verder niet druk over hoeft te maken. Een gravelfiets waarop je langer fris blijft, zonder in te leveren op snelheid. Een gravelfiets die volledig in dienst staat van de rijder en niet andersom.

Van het lichte maar stijve frame met z’n vertrouwenwekkende geometrie en effectieve vering tot aan de functionele onderdelenkeuze; alles klopt. Als ik in de markt zou zijn voor een nieuwe gravelfiets, dan kwam de Specialized Diverge bovenaan mijn lijstje te staan. Een praktisch beletsel is de prijs: in vergelijking met sommige concurrerende gravelbikes is de prijs van 6.499 euro nogal aan de hoge kant, zélfs als je de levenslange garantie op het carbon frame in je afwegingen meeneemt.

Voor mij de lekkerste nieuwe gravelbike van 2025: de nieuwe Diverge van Specialized.

De nieuwe Giant Anthem

Onverwacht maar met overmacht veroverde Giants nieuwe Anthem een plaats in mijn jaaroverzicht. Want alhoewel z’n silhouet nogal doorsnee is en z’n kleurstelling nogal grijs, blijkt de Anthem Advances SL (test hier) een schandalig lekkere fiets! Enerzijds snel, efficiënt en lekker agressief, anderzijds comfortabel, vergevingsgezind en zeer capabel. Knap gedaan van Giant. Ondanks z’n dertien-in-een-dozijn uiterlijk hebben ze in Taiwan blijkbaar toch een paar knopjes weten te vinden om aan te draaien, zodat uit een ogenschijnlijk doorsnee voorkomen prestaties tevoorschijn komen die juist allesbehalve gemiddeld zijn.

Goedkoop is-ie niet, 6.999 euro is een hoop geld. Aan de andere kant: met de afmontage zet Giant veel concurrenten in de schaduw. Zo hebben de wielen uit eigen huis niet alleen carbon velgen, maar ook carbon spaken. Daardoor weegt een set niet meer dan 1.350 gram. Ook de geïntegreerde carbon cockpit is licht: nog geen 300 gram. En dan zit er ook nog een superlichte dropper op van nog geen 400 gram. Dat alles is niet alleen fijn voor de weegschaal, maar ook op de trails. Wie net als ik graag het parkoers van Leersum en Amerongen rijdt, kan niet anders dan deze dubbelgeveerde Taiwanees in z’n hart sluiten.

Giant Anthem Advanced SL
De nieuwste uitvoering van de Giant Anthem maakt indruk. Wat een lekkere bike!

Haribo

Natuurlijk, je kan energy gummies bestellen bij een van de vele gespecialiseerde aanbieders van sportvoeding, maar waarom zou je als je in iedere supermarkt een zak Haribo’s kan krijgen voor een fractie van de prijs? Oh, die hebben geen “essentiële vitamines”? En die ondersteunen niet de “de immuniteit en energiehuishouding”? Met die kletskoek ga ik ik sowieso niet mee. Wat ik tijdens het fietsen nodig heb is glucose en dat bevatten m’n geliefde Duitse gummiebeertjes volop. Vetten zitten er niet in, zodat ik m’n systeem daarmee niet belast. Dito voor proteïnen, zitten er ook niet in. Nergens voor nodig ook, daar zorg ik wel ná het fietsen voor. Kortom: “Haribo macht Kinder froh und Radfahrer ebenso.”

“Haribo macht Kinder froh und Radfahrer ebenso.”

De Fanes-ronde in Zuid-Tirol

Ik kan de keren dat ik er geweest ben niet meer tellen: Zuid-Tirol. En dat is niet voor niets. Deze Italiaanse regio ten zuiden van de Brennerpas heeft echt álles waarvan je als mountainbiker of gravelfietser gelukkig wordt. Alpen en Dolomieten, uitgestrekte dalen, steile pieken, ongerepte natuurparken, prachtige meren en fraaie stadjes en dorpen. En een netwerk aan biketrails en gravelroutes dat echt z’n weerga niet kent. Ik heb er inmiddels al redelijk veel gezien, van de Brennerpas in het noorden tot de het Sellamassief in het zuiden en van de Ortler in het westen tot de Demuth in het oosten.

In de zomer van 2025 was ik in de gelegenheid om een graveltocht te rijden door Natuurpark Fanes-Sennes-Braies, in het hart van de Dolomieten. 55 kilometer, 1.750 hoogtemeters. Klinkt simpel, was het niet. Althans, op een gravelbike. Het woord “uitdagend” dekt de lading nét. Maar het landschap en de natuur zijn van een schoonheid die z’n weerga niet kent. Zo mooi, zo intens. En nee, ik ben je nu niet stiekem aan het influencen, m’n bankrekening raakt van het steken van deze loftrompet helaas niet beter gevuld…

De ultieme Dolomieten-ervaring op de gravelbike: de Fanes-ronde.

Surfen aan de Côte Basque

Gravelbiken is leuk, mountainbiken is leuker en – sorry bikers – surfen is het leukst. Afgelopen najaar was ik voor het eerst sinds jaren weer eens op surftrip. Bestemming: de Côte Basque. ’s Zomers wordt deze kuststreek in de oksel van Frankrijk en Spanje overspoeld door badgasten, maar als de dagen korter en de golven hoger worden is de Côte Basque het domein van surfers, met legendarische spots als Biarritz, Bidart, Guethary, Saint-Jean de Luz en Hendaye.

Surfen is een lastige sport. Kan je bijna altijd fietsen, bij surfen heb je golven nodig. En die zijn er nou eennmaal niet altijd. Alhoewel de surf gedurende de trip ook niet alle dagen optimaal was, had ik het geluk om tijdens een binnenrollende swell op de juiste tijd op de juiste plek te zijn: Parlementia bij Guéthary, met de hoogste golven die ik tot nu toe heb gereden. Pure adrenaline, alsof je bovenaan de zwarte trail van Leogang staat, maar dan maal tien.

De Franse Côte Basque in het najaar: hemel op aarde.
Geplaatst in Specials en getagd met , .
Tags: ,
guest
1 Comment
oudste
nieuwste populairste
Inline Feedbacks
View all comments
Joris oudefiets
Joris oudefiets
12 dagen geleden

Ik ga mee met: “Gravelbiken is leuk, mountainbiken is leuker en – sorry bikers – surfen is het leukst.”