Test | Shimano Deore XT Di2 M8200: the Empire Strikes Back

In een snel tempo heeft Shimano de afgelopen periode een groot aantal van z’n elektrische groepen draadloos gemaakt. Eén van de belangrijkste is z’n offroad-werkpaard Deore XT Di2 M8200, kortweg XT Di2. Omdat we inmiddels een aantal bikes met deze nieuwe groep aan de tand hebben kunnen voelen, is het tijd voor een oordeel. Wat is de toegevoegde waarde van deze nieuwe draadloze technologie? En werkt Shimano’s systeem net zo feilloos als dat van Sram? Een gebruiksimpressie.

Tekst: Sebastiaan Kruik // Foto’s: Arjan Kruik

Shimano Deore XT Di2 M8200 op meerdere bikes getest: (v.l.n.r.) de e-bike Trek Fuel+, de trailbike Trek Fuel en de hardtail KTM Myroon.

Shimano Deore XT Di2: draadloos schakelen

Op basis van dezelfde draadloze technologie heeft Shimano de afgelopen maanden een hele reeks nieuwe Di2-groepen gelanceerd. XTR, XT en Deore in het mountainbike-segment, GRX RX827 en GRX RX717 voor gravelaars. In tegenstelling tot de oude Di2-groepen zit de batterij niet meer in het frame, maar in de onderdelen zelf. De derailleurs en de schakelaars hebben elk hun eigen stroomvoorziening.

Het meest spraakmakend is natuurlijk de nieuwe XTR Di2-groep die collega Jeroen onlangs kon proberen (test hier), maar voor een groot deel van de mountainbikepopulatie is die peperdure transmissie veel te hoog gegrepen en is de eveneens nieuwe Shimano XT Di2-groep veel interessanter. Of eigenlijk moet ik zeggen: XT Di2-groepen, want Shimano plakt de letters XT op wat feitelijk meer is dan één groep.

Deze test hebben we geschreven op basis van onze ervaringen met drie verschillende testfietsen, met daarop drie verschillende varianten van Shimano XT Di2. Op KTM’s lichtgewicht hardtail Myroon (test hier) troffen we een XT-derailleur met een korte kooi, een 9/45-tands cassette en een 30-tands voorblad, op Treks trailbike Fuel EX (test hier) een XT-derailleur met lange kooi, 10/51-tands cassette en eveneens een 30-tands voorblad. Daarnaast zijn we ook met een Trek Fuel+ op pad geweest (test hier). Deze e-mountainbike had grofweg dezelfde set-up als op de gewone Fuel, maar dan met een iets groter, 32-tands voorblad en een derailleur die via een draadje z’n stroom krijgt van de grote accu in de onderbuis.

Oftewel: door gespecialiseerde onderdelen aan te bieden, kan Shimano met de nieuwe XT-groep verschillende doelgroepen bedienen. Crosscountry-rijders die streven naar een minimaal gewicht, enduristen die gaan voor maximale bodemvrijheid, trail-bikers die een groot versnellingsbereik zoeken en e-mountainbikers die toch al een accu aan boord hebben.

Specificaties Shimano Deore XT Di2 M8200

Lees voor alle details, specificaties en gewichten van de nieuwe draadloze M8200-generatie van Deore XT Di2 het uitgebreide nieuwsartikel over deze nieuwe groep.

Shimano XT Di2
De kern van Shimano’s Deore XT Di2 M8200-groep is de derailleur met draadloze bediening en uitneembare batterij.

Interne batterij en ‘impact recovery’, maar geen wrijvingsdemper meer

Net als Sram al eerder deed, kiest ook Shimano er nu voor het batterijtje ín de derailleur onder te brengen. En aangezien nu ook de communicatie tussen de derailleur en de shifter draadloos verloopt, is het gehele systeem kabelloos. Tenzij je dus een e-bike hebt, want dan krijgt de derailleur zoals gezegd z’n stroom uit de grote accu. Het is best een apparaat, die XT Di2-derailleur, zowel qua volume als qua gewicht. Maar dat is bij concurrent Sram niet anders. Dat ligt niet eens zozeer aan het batterijtje, maar vooral ook aan de zeer hoge eisen die aan de stijfheid van een elektronische derailleur gesteld worden. En stijver staat dan over het algemeen gelijk aan groter.

Ondanks z’n toegenomen volume steekt de XT Di2-derailleur niet meer uit dan een mechanische pendant. Echter: zo goed ‘verstopt’ als de Transmission-derailleurs van Sram is de XT Di2-derailleur niet. Gelukkig is het vooraanzicht min of meer wigvormig, waardoor de derailleur minder snel blijft haken achter een boomstronk of rotsblok. En mocht dat tóch gebeurend, dan is er de automatic impact recovery-constructie, waardoor de derailleur automatisch naar binnen toe beweegt en vervolgens weer terugkeert in z’n oorspronkelijk stand. Schade aan derailleur en frame wordt zo voorkomen.

Eveneens nieuw bij de XT Di2-derailleur: twee concentrisch in het kooischarnier geplaatste veren nemen de rol over van wrijvingsdemper in de mechanische XT-derailleur. Dat zou volgens Shimano effectiever zijn, met een meer gelijkmatige kettingspanning over het gehele schakelbereik. Daarnaast zou het nieuwe systeem, in tegenstelling tot de oude wrijvingsdemper, vrijwel onderhoudsvrij zijn.

Ook nieuwe cranks

Shimano houdt bij Deore XT Di2 M8200 vast aan z’n holle aluminium cranks. De vormgeving is iets anders, maar de techniek blijft gelijk. En waarom ook niet: die karakteristieke hollowtech-cranks zijn (en waren) licht, stijf en sterk. Ook de direct-mount kettingbladen zijn vernieuwd. Opvallend: de bladen zijn geen combinatie meer van aluminium met staal, maar zijn nu geheel van aluminium. Dat maakt het geheel weliswaar lichter, maar ook minder slijtvast. Wat mij betreft toch wel jammer, want ik heb de XT-kettingbladen met hun stalen tanden altijd als een uitzonderlijk goed product ervaren. Typisch Shimano ook, lekker eigenwijs en technisch superieur, met een focus op slijtvastheid in plaats van zo laag mogelijk productiekosten. Maar goed, das war einmal, blijkbaar…

Shimano XT Di2
De Shimano XT Di2-derailleur is er met lange kooi en conventionele 10/51-cassette.

Trek Fuel+ EX

Idem, maar dan als speciale e-bike-uitvoering die met een kabeltje is verbonden met de grote accu in de onderbuis.

KTM Myroon Shimano XT Di2

En als compacte uitvoering met korte kooi en 9/45-tands cassette.

Shimano XT Di2

De 9/45-tands cassette wordt gecombineerd met een klein 30-tands voorblad.

Shimano XT Di2

Geen speciale bevestiging: je monteert de nieuwe XT Di2-derailleur aan een reguliere derailleurhanger of, zoals hier, aan een UDH.

KTM Myroon Shimano XT Di2

De derailleur oogt robuust en volumineus, maar steekt desondanks niet veel uit. En mócht de derailleur een tik krijgen van een rots of boomstam, dan draait-ie automatisch weg, waardoor schade voorkomen wordt.

Hier vanaf de achterkant.

Digitale schakelaar met mechanisch gevoel

Bij de nieuwe draadloze XT Di2-schakelaar kiest Shimano duidelijk een andere insteek dan concurrent Sram. Kort door de bocht: daar waar Sram gaat voor een digitaal schakelgevoel, daar probeert Shimano bij z’n nieuwe Di2-groep nadrukkelijk het gevoel van een mechanische shifter te evenaren. De twee hendeltjes, of misschien is flippers een betere aanduiding, zijn achter elkaar opgesteld. De hoeken die deze flippers maken zijn met een inbussleuteltje verstelbaar.

En nou komt-ie: druk je een flipper licht in, dan volgt een lichte weerstand met een duidelijke klik en schakel je één versnelling. En druk je vervolgens nog iets verder, dan is er weer een klik en schakel je een tweede versnelling. Geen afstandelijk Nintendo-gevoel, maar een duidelijke mechanische terugkoppeling. Alleen de laatste fase is ‘ouderwets’ elektronisch, want als je de flipper ingedrukt houdt, dan schakel je een hele trits versnellingen.

Wil je het anders? Geen probleem: met behulp van Shimano’s E-Tube-app kan je de functies van de flippers personaliseren. Oók die van het mysterieuze knopje dat prominent in het midden van de behuizing zit. Daaraan kan je, kan je als je dat zou willen, ook een functie toewijzen. Bijvoorbeeld de bediening van je fietscomputer.

Shimano XT Di2

Alle uitvoeringen werken met dezelfde schakelaar.

De hoeken van de twee hendeltjes is met een inbussleuteltje verstelbaar. Iets minder compleet dan bij XTR Di2, maar meer dan bij Deore Di2.

Shimano XT Di2 in de praktijk

Fijn schakelgevoel

Alhoewel ik prima uit de voeten kan met Srams Eagle AXS-systemen, is de manier waarop de nieuwe Shimano XT Di2 schakelt van een andere orde. Net als bij de eerder geïntroduceerde XTR Di2-groep (test hier), voelen de hendeltjes op de shifter vanwege hun weerstand en terugkoppeling wat mij betreft fijner aan. Fijner als in meer analoog. Alhoewel dat natuurlijk een kwestie is van smaak, want er zijn hele volksstammen die zweren bij het digitale Nintendo-gevoel van Srams Pod Controller.

Maar goed, het gevoel van de Shimano-schakelaar bevalt mij dus goed. Iets minder te spreken ben ik over de ergonomie. Of meer precies: over de positionering van de twee hendeltjes in lijn áchter elkaar in plaats van schuin ónder elkaar, zoals bij veel mechanische shifters. Alhoewel de stand van de twee schakelhendeltjes redelijk goed is aan te passen, zit de voorste flipper zo nu en dan in de weg van de achterste. Geen dealbreaker, wel iets om mee te nemen. Overigens: andere testrijders (zie ook onderaan deze test) hebben hier totaal geen last van. Of je fan wordt van dit systeem lijkt dus persoonlijk te zijn.

Snel en precies

Na het indrukken van de schakelaar wisselt de ketting snel en stil van krans. What’s new? Dat is namelijk waar Shimano’s Hyperglide+ om bekend staat: snelheid. Op dit punt heeft Srams AXS Transmission het nakijken. Maar los van de pure schakelsnelheid is ook het schakelgevoel anders. Vanwege z’n relatieve traagheid ben je je bij AXS Transmission meer bewust van het mechanische samenspel tussen ketting en cassette. Wat er ook gebeurt en hoe steil het pad ook is, de volgende versnelling zit. Altijd. Bij XT Di2 is het veel diffuser wat er achteraan gebeurt. Maar dat maakt voor het eindresultaat niets uit: iedere klik is razendsnel raak.

Wat in dat verband opvalt: de testfietsen met 10/51-tands cassette schakelen door de bank genomen nóg iets sneller dan de testfiets met 9/45-cassette. Dat lijkt te komen omdat de testfiets met 9/45-cassette tevens is uitgerust met een klein 30-tands voorblad, waardoor de ketting zeker op Nederlandse mtb-parkoersen relatief vaak rechts staat, op de kleinste kransjes. En aangezien er op die kleine kransjes minder schakelhulpen passen, kan de ketting zich dus ook minder snel van de ene naar de andere verplaatsen.

Vertrouwd degelijk, maar met kanttekening

Net als z’n mechanische pendant (test hier) is Shimano XT Di2 buitengewoon degelijk. Nou gebied de eerlijkheid me te zeggen, dat met beide Trek Fuels te weinig kilometers zijn afgelegd om sluitende uitspraken te doen over de slijtvastheid. Maar gezien het feit dat cassette en ketting gelijk zijn aan die van de mechanische XT-groep, durf ik gerust de goede ervaring ik daarmee heb te extrapoleren naar de elektronische groep. En ook met de derailleur en de shifter hebben zich op de twee Fuels geen problemen voorgedaan. Of de automatic impact recovery-functie op de derailleur z’n werk doet kan ik niet zeggen; ik heb namelijk geen rotsen of boomstronken geraakt.

Met de KTM Myroon zijn meer kilometers gereden, een kleine 1.250. De ketting is inmiddels aan vervanging toe. Of dat vroeg is of juist laat is zoals altijd lastig te zeggen, want dat is extreem afhankelijk van de weersomstandigheden en de terreingesteldheid. Feit is wel dat de KTM is uitgerust met een klein 30-tands voorblad en een compacte, 9/45-tands cassette. En zoals recentelijk duidelijk uit onze kettingtest bleek (test hier): hoe kleiner het voorblad, hoe sneller ketting en cassette slijten. Het klinkt dus leuk, de gewichtsbesparing die de compacte uitvoering van de XT Di2-groep oplevert (zo’n 50 à 60 gram), maar dat gaat wél ten koste van de levensduur.

En dan is er nog het rendement. Het is een vast gegeven dat het rendement van kleine voorbladen en kleine kransen – en zeker zo klein als de kransen op de 9/45-tands cassette – minder is dan bij grote voorbladen en kransen. Niet voor niets is groot-groot in het professionele peloton het leidende mantra.

Compact heeft ook voordelen

Toch valt er in specifieke gevallen ook wel wat te zeggen voor de compacte versie van XT Di2. Een kortere derailleurkooi raakt minder snel stenen en takken, een kortere ketting kan minder klapperen en een kleinere voorblad kan minder snel achter een rots of boomstronk blijven hangen. Kortom: allemaal zaken waar trail- en endurorijders baat bij hebben. Maar die ontegenzeglijke voordelen nemen de eerder genoemde nadelen niet weg. Minder rendement, minder snel schakelen in het rechter deel van de cassette, verhoogde slijtage en een kleiner bereik? Mij niet gezien, ik zou altijd voor de ‘gewone’ 10/51-tands cassette gaan.

Alhoewel de hendeltjes niet ónder elkaar maar áchter elkaar gepositioneerd zijn, vinden de meeste testrijders met hun duim snel en makkelijk het achterste hendeltje.
Maar ondanks het herhaaldelijk instellen van de positie van de hendeltjes, kan bij sommige rijders de voorste hendel zo nu en dan toch in de weg zitten van de achterste.

Bedrijfsduur batterijtje

Bij mij altijd een punt van zorg, batterijen op m’n fiets. Want op een gegeven moment raken ze leeg en dat was bij mij in het verleden meer dan eens halverwege een lange bergtocht. Waarmee ik maar wil zeggen dat het gebruik van elektrische schakelsystemen een zekere mate van discipline en planning vereist op het vlak van battery-management. Gelukkig kun je met het batterijtje in de XT Di2-derailleur redelijk lang vooruit. Shimano claimt zo’n driehonderd kilometer. Dat is redelijk arbitrair, want zowel het aantal keren dat je schakelt als de temperatuur spelen een grote rol bij het leegtrekken van het batterijtje. Desalniettemin: de derailleur op de KTM Myroon verzaakte na exact 361 kilometer dienst. Deze keer niet per ongeluk, maar bewust. En dat valt me niet tegen, met name omdat veel kilometers bij lage temperaturen zijn afgelegd.

Shimano XT Di2

Bij spierfietsen is het batterijtje geïntegreerd in de derailleur. Je haalt ‘m eruit aan de onderkant.

Minder controle over klapperende ketting

Alhoewel de twee concentrisch in het kooischarnier geplaatste veren volgens Shimano effectiever zouden moeten zijn dan de conventionele wrijvingsdemper in de mechanische XT-derailleur, klappert de ketting met name op beide Trek Fuels meer dan ik gewend ben van andere moderne derailleursystemen. Ligt dat dan toch aan het ontbreken van een wrijvingsdemper tussen de kooi en de derailleur? Of aan de kleine kettingbladen op de testfietsen, waardoor de ketting dichter bij de liggende achtervork hangt? Of een combinatie van beide?

Alhoewel het lastig is hier precies de vinger op de leggen, gaat mijn verdenking toch grotendeels uit naar de derailleur. Trailbikes met Sram Transmission waarmee ik eerder reed hadden immers ook regelmatig een klein kettingblad, maar dat resulteerde niet in akoestische overlast. Integendeel: veel bikes met Transmission bleken buitengewoon stil. Daar komt bij, dat collega Jeroen bij zijn test van de technisch vrijwel identieke Shimano XTR Di2-groep hetzelfde opviel. Het lijkt dus toch wel een dingetje te zijn, dat klapperen van de ketting bij Shimano Di2-derailleurs.

De ketting meer klappert dan ik gewend ben van moderne derailleursystemen.

Shimano XT-remmen

Twee- of vier zuigers per remklauw

Als het gaat om het vertragen beperkt Shimano zich evenmin tot slechts één uitvoering. Het model met twee zuigers per remklauw draagt de codenaam M8200, de versie met vier zuigers wordt aangeduid als M8220. En dan is er ook nog een exemplaar voor de flatmount-montagestandaard, de MT805, die je zo nu en dan op lichtgewicht xc-bikes tegenkomt. Eveneens nieuw: de olie die Shimano voor de nieuwe XT-remmen gebruikt is dunner, wat volgens Shimano zorgt voor meer constante prestaties over een breder temperatuurbereik.

De remhendels zijn optisch en technisch het meest veranderd. De ergonomie is fijn, wat dat betreft is al het goede van de vorige generatie behouden gebleven. Maar het nieuwe stelwieltje om de reikwijdte in te stellen is wat mij betreft niet honderd procent geslaagd. Ja, het is op zich een goed idee om dat wieltje ín de remhendel te integreren. Maar omdat het wieltje half wegvalt in de behuizing, is de bereikbaarheid niet geweldig. En knijp je lichtjes in de remhendel om wel goed bij het wieltje te kunnen, dan draait het niet.

Ook de loop van de remleidingen verdient aandacht. In navolging van de vaak stevig bekritiseerde Stealth-remmen van Sram, heeft nu ook Shimano voor leidingen gekozen die parallel aan het stuur lopen. Zo sluiten ze beter aan bij (e-)bikes met kabeldoorvoer via het bovenste balhoofdlager. In theorie een nette oplossing, maar in de praktijk pakt het niet altijd even goed uit: op het rechte stuur van de xc-bike is er niks aan de hand, maar bij de hoge Raceface-sturen op beide trailbikes schuren de leidingen langs het stuur, met lelijke krassen in het carbon als gevolg.

Shimano XT Di2

De XT-remhendel is geheel vernieuwd.

De remleiding loopt nu parallel langs het stuur, wat bij hoge trail- en enduro-sturen tot schuurplekken kan leiden.

Bij vlakke crosscountry-sturen is er gelukkig niks aan de hand en loopt met name de leiding van de achterrem mooi strak langs het stuur.

Shimano XT Di2

Het stelwieltje van de reikwijdte van de remhendel is mooi weggewerkt, maar daardoor voor mensen met een dikke duim niet altijd even goed te bedienen.

Vertrouwd remgevoel

Net als de transmissie hebben we ook de nieuwe XT-remmen op verschillende bikes en onder verschillende omstandigheden aan de tand kunnen voelen. Eerst maar de M8200’s, aangezien je die het meest zal aantreffen op het type mountainbike dat in de Lage Landen het meest verkocht wordt. Onze ervaring met die crosscountry-remmen is ronduit goed. Lekker direct, maar niet té. De doseerbaarheid is dus prima. En hetzelfde geld voor de remkracht, zelfs met de toch best wel kleine 160-millimeter-schijfjes op de testfiets. Maar merk wel op dat we met deze remmen niet verder zijn gegaan dan de Utrechtse Heuvelrug. Lange afdalingen en steil terrein hebben ze dus niet gezien.

Dat geldt wél voor de uitvoering met vier zuigers per remklauw, de XT M8220, die we in de Alpen op de proef gesteld hebben. Het remgevoel is min of meer hetzelfde als van de tweezuigeruitvoering, maar met veel meer stopkracht. Niet alleen overigens vanwege de extra zuigers, maar ook vanwege de grote remschijven, met op één van de twee testbikes voor- én achter 203 millimeter. Met deze set-up kun je zelfs afdalingen van meer dan duizend hoogtemeters krampvrij overmeesteren.

Toch is er een kanttekening. Hoewel Shimano claimt dat het beruchte probleem met een veranderend drukpunt bij de nieuwste XT-remmen is opgelost, deed dat verschijnsel zich tijdens deze test helaas toch een paar keer voor. Geen dealbreaker, maar het blijft iets om in de gaten te houden.

De xc-versie met twee zuigers per remklauw wordt aangeduid als XT M8200. De lichtgewicht Icetech-remschijven zijn als vanouds subliem.

De doseerbaarheid en stopkracht zijn dik in orde.

Shimano XT Di2

De uitvoering met vier zuigers wordt als XT M8220 aangeduid.

Ze vertragen als een malle.

Andere gebruikers van Shimano Deore XT Di2

Velozinevriend Maurice heeft de Drenthe 200 met de KTM Myroon Prime gereden: “Over Shimano XT Di2 ben ik erg enthousiast, het systeem schakelt snel, soepel en probleemloos, zelfs onder volle belasting tijdens de klim op de VAM-berg. En het gevoel van de shifter vind ik echt perfect. De schakelaars van Sram Transmission werken ook goed, maar dit vind ik fijner.”

En sitesupporter Henk reed met onze testfiets Trek Fuel+ door de Oostenrijkse Alpen: “Echt niks op aan te merken, de knoppen voelen fijn aan en iedere klik is raak. Maar eerlijk gezegd: dat is bij de mechanische XT-groep op mijn xc-bike niet anders. Wat dat betreft zie ik elektronisch schakelen toch nog steeds als een gadget: leuk dat het er is, maar de toegevoegde waarde is beperkt.”

Conclusie

Met de draadloze Deore XT Di2 M8200 slaat het keizerrijk terug. En hoe! Vagen de Japanners de Amerikanen hiermee van de kaart? Zeker niet. Maar dankzij deze nieuwe elektrische groep is Shimano ineens wel weer relevant. Héél relevant zelfs! Het is niet zozeer het schakelen zélf waarmee Shimano ineens een enorme stap vooruit zet – dat was dankzij de Hyperglide+-technologie al heel erg goed – , maar met de bediening. Alle testers waren daarover unaniem: zó moet elektrisch schakelen aanvoelen. Niet digitaal, maar analoog, met een duidelijk mechanisch gevoel aan de knoppen. En ja, de ironie daarachter ontgaat ons ook niet.

Perfect is Shimano XT Di2 M8200 nog niet. De positionering van de schakelflippers zorgde bij de testers toch voor wat discussie; niet iedereen vond de ergonomie even fijn. En ook de in ruige afdalingen soms wat rusteloze ketting is wel een dingetje. Echter, geen enkele testers zou vanwege deze kritiekpunten de groep links laten liggen. Zo zwaar tillen ze er dus niet aan.

Ook bij de remmen is de overheersende indruk vooral positief, zowel bij de exemplaren met twee zuigers als bij die met vier zuigers per remklauw. Lekker direct, maar niet té. En zeker in de vierzuigeruitvoering krachtig genoeg om ook zware e-mountainbikes gecontroleerd te vertragen. Langdúrig gecontroleerd vertragen, zeker gecombineerd met de bijbehorende Icetech-remschijven.

Kortom: met Deore XT Di2 M8200 is Shimano weer terug aan de top. We zijn benieuwd welke tegenzet nu uit Amerika gaat komen.

Geplaatst in Reviews en getagd met , , , , .
guest
0 Comments
oudste
nieuwste populairste
Inline Feedbacks
View all comments