Review: 2021 SID SL Ultimate – De ultieme keuze?

Elke dag is racedag


Je kon er de klok op gelijk zetten: in dit Olympische jaar zouden er talloze nieuwe xc-spullen op de markt komen. Zo ook bij RockShox; de vorige SID-generatie werd immers vier jaar geleden geïntroduceerd om diezelfde reden. De nieuwste generatie SID’s worden gemarkeerd door grootse wijzigingen: twee nieuwe chassis’ met respectievelijk 32 en 35 mm binnenpoten, plús een nieuwe luchtveer en nieuwe demper.

En die wijzigingen maken écht een verschil; zo ondervonden wij toen we op pad gingen met het nieuwste topmodel van de SID-serie voor 2021, de SL Ultimate.

Tekst: Jeroen van den Brand // Foto's: Arjan Kruik, Eric Wictor, Jeroen van den Brand

Amper twee maanden geleden lanceerde RockShox forse updates aan hun lichtgewicht xc-voorvorken. En er was véél nieuws. Het meest in het oog springende zijn de twee nieuwe chassis’. Want waar voorheen er één basisontwerp was met – afhankelijk van het model – 100 of 120 mm veerweg, heeft elke veerweg nu zijn eigen chassis. In het geval van de 120 mm SID modellen hebben we het dan over flinke 35 mm binnenpoten; dezelfde diameter dus als bij de Pike, Yari, Revelation en Lyrik vorken van het merk – al is er niets uitwisselbaar. Al enige jaren zien we een trend naar lichtgewicht xc-fietsen met meer veerweg en de nieuwe SID is RockShox’ troef in dit segment. De SID SL modellen met 100 mm veerweg behouden 32 mm poten, maar zijn zowel lichter als stijver geworden ten opzichte van de vorige generatie.

SID SL Vooraanzicht

SID SL Ultimate: Echt een lichtgewicht

SID staat nog altijd voor Superlight Integrated Design. En gewicht is dus nog steeds een speerpunt. Sterker nog, als je er dan ook nog eens ‘SL’ (Super Lightweight) aan de naam toevoegt… dan wil je écht wat bewijzen. Bij binnenkomst op de redactie werd de SID SL Ultimate dan ook eerst op de weegschaal gelegd. Met de stuurbuis op volle lengte kwam die niet verder dan 1.268 gram! Met de Maxle Stealth steekas gemonteerd, zit je aan 1.307 gram. En dat is gewoon erg licht – zelfs 19 gram lichter dan de fabrieksopgave…

Het bijzondere is dat RockShox dit lage gewicht weet te bereiken met een aluminium vorkkroon en stuurbuis, terwijl de voorganger (SID Ultimate Carbon modeljaar 2020) met een kroonstuk en stuurbuis uit carbon in de 29” uitvoering 1.477 gram woog.

Ook al zijn de binnenpoten 32 mm gebleven, alles is opnieuw ontworpen. De onderpoten hebben onderaan een subtiele verjonging, zoals we die ook kennen van Fox’ Step-Cast. Desondanks oogt de SID SL dan ook lang niet zo slank als de Step-Cast. Breder en daarmee robuuster zelfs, voor wat dat waard is. Meer dan de helft van de behaalde gewichtswinst komt echter voor rekening van de nieuwe demper. De ‘Charger Race Day’ demper, zoals ‘ie voluit heet, weegt voor de SID SL Ultimate slechts 88 gram en voor de SID Ultimate met 35 mm poten 96 gram. De voorloper, de Charger 2 RLC, weegt 186 gram.

Onderkant is open

De rebound demping verstel je met het minimalistische inbussleuteltje dat onderuit de holle poot steekt. Deze sleutel gebruik je ook voor de rebound-verstelling van de SIDLux achterdemper.

Overal is materiaal weggehaald

Op zoveel mogelijk plekken is materiaal weggehaald.

RockShox' versie van een Step Cast

De binnenzijden van de onderpoten zijn ook iets verjongd. RockShox' versie van een Step-Cast, zogezegd.

Aluminium kroon

Geen carbon kroon en stuurbuis bij deze Ultimate; gewoon aluminium. De kroon is gesmeed en daarna nog bewerkt op de freesbank.

Specificaties SID SL Ultimate

  • Veerweg: 100 mm;
  • Wieldiameter: 29”;
  • Binnenpoten: 32 mm;
  • Offset: 44 mm;
  • Luchtveer: DebonAir;
  • Demper: Charger Race Day *;
  • Verstelling:
    • Luchtdruk;
    • Luchtvolume (via volumespacers);
    • Rebound demping – 20 klikjes;
    • Compressie demping – 2 standen: open en dicht;
  • Afdichting buitenpoten: SKF Wiper Seals;
  • Inbouwmaten voornaaf: 110×15 mm, Torque Cap;
  • Gewicht: 1.307 gram incl. Maxle steekas, stuurbuis op volle lengte (fabrieksopgave 1.326 gram);
  • Kleuren: Signature SID Blue met ‘foil graphics’ (als getest) en Ultimate High Gloss black met ‘foil graphics’;
  • Prijs: € 869 (zonder remote), € 949 (met Twistloc remote).

Minder opties

De 2021 RockShox SID modellen zijn alleen nog maar verkrijgbaar voor 29” wielen én voor Boost (110 x 15 mm) voornaven. Daarnaast heeft RockShox er voor gekozen ook nog maar één offset-variant aan te bieden: 44 mm.

* N.B. De nieuwe Race Day-demper is alleen verkrijgbaar op de Ultimate modellen van de SID SL (100 mm veerweg) en SID (120 mm veerweg). De modellen daaronder hebben Charger-dempers van de vorige generatie.

Bron: www.rockshox.com

trailhead settings

Tuning tips vind je op de achterzijde van de vorkpoot, waar je verder ook doorverwezen wordt naar de online setup-guide op trailhead.rockshox.com. Overigens vind ik de sag-indicatie op de binnenpoten nog altijd foeilelijk... maar o-zo handig!

voorvork specificaties

Informatie die er toe doet... en tegelijkertijd ook niet; RockShox biedt de huidige SID SL maar in één chassis-configuratie aan.

Kabelgeleiding voorkant

De kabelgeleiding is lekker simpel: je klikt er de remleiding gemakkelijk in en hij gaat geen kant meer uit.

Soepel

RockShox stuurde met onze testvoorvork óók een losse Charger Race Day-demper mee, om te laten zien hoé compact de nieuwe demper is (zonder dat we daarvoor de testvork meteen uit elkaar hoefden te halen…). Een kleinere demper betekent óók kleinere afdichtingen. En ook dat is goed voelbaar bij de losse demper; de demperstang laat zich zeer soepel bewegen. Samen met Maxima Plush-olie en lichtlopende SKF-afdichtingen voor de buitenpoten zou de voorvork soepeler dan ooit moeten werken. En dat is vanaf de eerste meters eigenlijk alleen maar te beamen.

Charger Race Day demper

Boven de 'oude' Charger-demper, onderaan de afgeslankte 'Charger Race Day' die je terugvindt in de Ultimate-versie van de SID en SID SL.

DebonAir

Sterker nog; met 95 psi en zonder enige volumespacers, kom ik uit op een sag van zo rond de 20% bij mijn gewicht van 65 kg. Ik dacht bij de eerste rit dat ik misschien toch te weinig druk in de vork had gedaan. De SID SL sprak namelijk enorm goed aan… en mijn brein vulde al snel in: ‘Ik heb hem vast te zacht staan’. Maar op het snellere, ruigere werk, blies hij niet gemakkelijk door zijn veerweg heen. Sterker nog: zelfs na enig aandringen kreeg ik hem niet gemakkelijk tot de bodem. Duiken bij hard remmen deed ‘ie ook niet overdreven. Meer druk of volumespacers voor een progressievere veercurve bleken dus niet nodig.

Je merkt dat de veercurve na pakweg een derde van de veerweg toeneemt en dat ‘ie daardoor dus stelselmatig hoger in zijn veerweg rijdt. Onlangs heeft RockShox een upgrade uitgevoerd aan de DebonAir-luchtveer voor de Pike, Yari, Lyrik en Revelation. Dezelfde truc is bij de DebonAir luchtveer van de nieuwe SID’s toegepast en simpel gesteld: dat werkt!

Soepel vanaf de eerste meters

Charger Race Day

Waar de SID SL Ultimate me helemaal verraste, was bij het nemen van de remkuilen die inmiddels vaste prik zijn op menig vaste route in Nederland met wat hoogteverschil. Waar ik anticipeerde op het moeten oprapen van mijn los getrilde vullingen, bleef mijn gebit geheel intact. De nieuwe Charger Race Day-demper heeft bij dit soort ondergronden bijzonder weinig moeite met het hoogfrequent schakelen tussen de ingaande (compressie) en uitgaande (rebound) demping. De vorige generatie liep hier sneller tegen grenzen aan en dook daarbij bovendien verder in zijn veerweg.

Weinig verstelopties, en die mis je niet

En met die conclusie kom ik nog even terug op de verstellingen die je bij deze voorvork kunt doen. Onderaan de rechter vorkpoot is met een inbussleutel de uitgaande demping te verstellen. Het verstelbereik is 20 klikjes, maar bij pakweg de laatste 5 staat de demper al dermate ver dicht, dat ‘ie onbruikbaar wordt. Hou het er op dat 15 klikjes ‘nuttig’ bruikbaar zijn. Bovenop de vorkkroon kun je met een hendel of remote de ingaande demping verstellen; maar uitsluitend tussen volledig open of een lockout-stand. Daarmee moet je het doen. Concurrent Fox biedt je bij de 32 Step-Cast Factory FIT4, hun xc-topmodel, beduidend meer. Zo kun je bij bediening op de vorkkroon schakelen tussen een ‘open’, ‘medium’ en ‘firm’ (quasi lockout) voor de ingaande demping, en kun je daar bovenop in de ‘open’ mode de compressie nog fijn-afstellen in maar liefst 22 klikjes. Laat RockShox hier steken vallen?

Bergop blijft de voorvork rustig

In mijn optiek niet per se. Je moet je namelijk afvragen waarom je aan die knoppen wilt, of moet draaien. Vaak wordt de ingaande demping namelijk (ten onrechte) gebruikt om een voorvork er van te weerhouden veel veerweg te pakken als je een keer wat meer body-language gebruikt of wat vaker op de pedalen staat. Maar júist daarin is de nieuwe DebonAir-luchtveer in samenspraak met de Charger Race Day-demper zo goed en verfijnd. Het geheel spreekt erg goed aan om daarmee werkelijk comfortabel te zijn op kleine oneffenheden, zonder overactief te worden zodra je wat meer gewicht op je stuur zet of wat nukkiger over je fiets beweegt. Dat skippybal-effect van een overactieve voorvork… dat heeft de SID SL gewoonweg niet. Je hebt dus meer comfort zonder meteen al zijn reserves aan te spreken. Vind je dat niets…? Dan moet je de lockout dichtzetten… of grondig met jezelf in overleg of je niet toch beter wat anders koopt.

SID SL versus 32 StepCast

In marktsegment van de SID SL zijn er drie concurrenten: de Lefty Ocho van Cannondale, DT Swiss’ nieuwe F232 én vooral de zeer populaire 32 Step-Cast van Fox. De Ocho en F232 hebben we nóg niet gereden, al staan die wél op de planning voor de tweede helft van dit jaar. Vooralsnog kunnen we dus alleen een vergelijking maken met de Fox. In één van mijn bikes heb ik een Factory FIT4 modeljaar 2019. Dat is hetzelfde model waar collega Eric twee jaar geleden al eens mee aan de haal ging.

RockShox SID SL versus Fox Step-Cast 32 Factory FIT4

Stijfheid

Fox voorzag de 32 StepCast onlangs van een nieuwe kroon, die de boel stijver zou moeten maken. Want écht stijf was de Step-Cast niet. Jarenlang werd vooral de SID verweten een slappe voorvork te zijn, maar blijkbaar was er voldoende goed mee te rijden. De Step-Cast was en is zelfs na de upgrade nog altijd geen bijster torsiestijve voorvork. Met mijn eigen gewicht van 65 kg is het voor mij persoonlijk nooit écht problematisch geweest, overigens. Het Duitse Bike heeft dat na een meting in getallen uitgedrukt: de nieuwe SID SL Ultimate heeft een torsiestijfheid van 23,7 Nm/°, terwijl de nieuwste 32 Step-Cast niet verder komt dan 14,8 Nm/° volgens hun meting. En ja, dat merk je. In rijrichting is volgende de Duitse collega's het stijfheidsverschil tussen de RockShox en Fox overigens wat kleiner: respectievelijk 184,8 Nm/° versus 175,7 Nm/°.

RockShox heeft goed huiswerk gedaan

Oók de Step-Cast spreekt soepel aan. Wanneer ik die voorvork zónder volumespacers rij, rijdt ‘ie echter wel wat lager in zijn veerweg én pakt sneller méér van zijn 100 beschikbare millimeters veerweg. Met één volume-spacer gemonteerd, komt het gedrag iets dichter bij dat van de nieuwe SID SL. De FIT4-demper in de Fox gaat ook goed om met remkuilen, waarbij een snelle omschakeling tussen ingaande en uitgaande demping nodig is. Dat gezegd hebbende, de SID SL doet het beter, omdat ik simpelweg minder voel in mijn stuur. En juist omdat chassis van de SID SL stijver is dan de Step-Cast, moet de verklaring dus gezocht worden bij de Charger Race Day-demper. Toegegeven; als je de voorvorken niet parallel kunt testen, zal het netto verschil er niet zo toe doen; aan beide vorken heb je een erg goede keuze. Maar wat deze conclusie vooral zegt, is dat RockShox het huiswerk erg goed voor elkaar heeft. Niet eerder kwamen ze met hun xc-vork op zo’n hoog niveau.

RockShox SID SL Ultimate - Race ready

RockShox SID SL Ultimate - Race ready

Conclusie

Sublieme demper, torsiestijver en goedkoper dan de concurrent
Xc-rijders zullen altijd prioriteit geven aan een laag gewicht. Fox bewees met de 32 Step-Cast al dat een laag gewicht niet meer ten koste hoeft te gaan van veerkwaliteit. RockShox wist op hun beurt met de upgrade naar een Charger-demper en de verandering van hun SoloAir naar DebonAir-luchtveer bij de vorige generatie SID’s het gat naar die grote concurrent al flink kleiner te maken.

Deze nieuwste generatie gaat nog een stap verder. De gewichtsbesparing bij de Charger Race Day-demper levert geen nadelen op voor wat betreft de dempingskwaliteit; een prestatie op zich. Dat de compressiedemping (behalve open of dicht zetten) geen verstelling heeft, is ook geen compromis. De basisafstelling is in mijn optiek namelijk spot-on. Deze laat het soepele gedrag bovenin de veerweg toe en grijpt pas écht in wanneer er meer beweging in de voorvork komt. Het samenspel met de DebonAir-luchtveer is erg goed, wat zich vooral openbaart bij snelle, opeenvolgende klappen, zoals remkuilen. Het is precies op dit punt dat de nieuwe SID SL Ultimate niet zo zeer de evenknie is van de 32 Step-Cast FIT4 is, maar hem zelfs nipt voorbij steekt.

De marge in veerkwaliteit tussenbeide is misschien klein. Wanneer je ze beide in de waagschaal stelt, doen ze het in het terrein nauwelijks voor elkaar onder voor. Maar als je de waagschaal afleest, dan zien je dat de SID SL Ultimate 100 gram lichter is dan de 32 Step-Cast Factory FIT4. De SID SL Ultimate is daarbij veel torsiestijver en bovendien minimaal € 300 goedkoper dan de tegenstrever van Fox. Tel je alles bij elkaar op, dan is de SID SL Ultimate de ultieme keuze.

Ultieme keuze

"Het is moeilijk bescheiden te blijven..."
Geplaatst in Reviews en getagd met , , , , .
guest
0 Comments
Inline Feedbacks
View all comments